De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Expliciet, impliciet en analoog leren in het primair onderwijs

Rechten:

Expliciet, impliciet en analoog leren in het primair onderwijs

Rechten:

Samenvatting

De afgelopen jaren zijn er vele onderzoeken gedaan naar de verschillende type leerstijlen, expliciet en impliciet leren. In deze onderzoeken worden de voor- en nadelen van de verschillende manieren van leren besproken. (Masters, 1992; Hardy, Mullen & Jones, 1996; en Liao & Masters, 2001; Maxwell, Masters, Kerr & Weedon, 2001; P.J. Beek, J.M. Koedijker, R.R.D Oudejans, 2005; J. Rehorst en H. van der Loo, 2009) In dit onderzoek wordt gekeken naar het verschil in expliciet, impliciet en analoog leren bij het maken van een onderhandse service beweging bij het volleybal. Het onderzoek is uitgevoerd met kinderen uit groep acht, gemiddelde leeftijd van 12 jaar,op de basisscholen in Huizen. Het doel van het onderzoek is om te kijken of er verschil is in leerresultaat wanneer leerlingen de beweging expliciet, impliciet of analoog leren. Daarnaast zal er gekeken worden wat de invloed is van stress/druk op de resultaten bij de verschillende leerstijlen. En als laatst zal er gekeken worden welke beweging het best te reproduceren is na een periode van niet trainen. Van te voren wordt verwacht dat de leerlingen die analoog leren het grootste leerresultaat leveren. Daarnaast zal bij de groepen die impliciet en analoog leren de druk niet tot een prestatieverandering leiden. De groepen die impliciet hebben geleerd zullen geen significant verschil vertonen in resultaat bij de retentietest in vergelijking met de eindmeting. De expliciet lerende groep zal wel een significant verschil in resultaat vertonen. In een periode van zes weken krijgen de leerlingen de service beweging aangeleerd en zal het resultaat met een eindmeting worden vastgesteld. Tijdens de oefenperiode krijgen de leerlingen uit de expliciete groep technische aanwijzingen over de beweging, de leerlingen uit de impliciete groep een extra taak en de leerlingen uit de groep die leert middels een analoog krijgt alleen een analoog te horen. Na de eindmeting volgt een meting waarbij de leerlingen onder druk worden gezet en als laatst zal er na een periode van drie weken niet trainen opnieuw een test worden afgenomen (retentietest). Het resultaat van het onderzoek, verkregen met behulp van Repeated Measures Anova, geeft een significantie van p= 0.00. Dit geeft weer dat het verschil in resultaat afhankelijk is van de groep waarin je zit. Echter, alleen de groep die impliciet heeft geleerd blijft achter op de rest. Er is geen significant verschil tussen de expliciete en analoog lerende groep. Hieruit blijkt dat de gestelde hypothese niet juist is. Uit de resultaten van de Paired Samples T-test blijkt dat de stress bij de impliciet en de analoog lerende groep geen significant verschil geeft in verandering van resultaat vergeleken met de eindmetingen. De expliciet lerende groep kent wel een significant verschil. Uit de resultaten van de retentietest, verkregen met behulp van de Paired Samples T-test, bleek dat de groepen die expliciet en analoog leerden een significant verschil lieten zien met de eindmeting. De groep die impliciet heeft geleerd, levert een resultaat bij de retentietest die niet significant verschilt van de eindmeting.

Toon meer
OrganisatieHogeschool van Amsterdam
InstituutBewegen, Sport en Voeding
Gepubliceerd in
Jaar2011
TypeBachelorscriptie
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 25 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk