De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Het belang van natuureducatie op de basisschool

Rechten:

Het belang van natuureducatie op de basisschool

Rechten:

Samenvatting

Doel In dit onderzoek werd er naar verschillen gezocht tussen drie groepen die verschillen in mate van natuureducatie. Onderzocht werd of kinderen die integrale voedingseducatie krijgen en kinderen die schooltuinlessen hebben gevolgd meer kennis, houding en ervaring hadden op het gebied van gezonde, verse en duurzame voeding dan kinderen die geen schooltuinlessen hebben gevolgd. Methode Er werd gebruik gemaakt van een geselecteerde quotasteekproef van 355 Amsterdamse, Haarlemse en Diemense kinderen in de leeftijd 10 tot 12 jaar. De kinderen werden geworven via twee Amsterdamse scholen, drie Haarlemse scholen en één Diemense school, waarbij de kinderen deel uitmaken van groep 7 of 8. De kinderen werden opgedeeld in drie groepen, namelijk kinderen die geen schooltuinlessen hebben gehad (ST-), kinderen die wel schooltuinlessen hebben gehad (ST+) en kinderen van de groep waar natuureducatie geïntegreerd werd in het onderwijs (IN). Er werd rekening gehouden met het geslacht, leeftijd, herkomstgroepering en inkomens in de verschillende wijken. In dit onderzoek werd zowel kwantitatief als kwalitatief onderzoek gedaan. Voor het kwantitatief onderzoek werd gebruik gemaakt van een vragenlijst en een eetdagboekje en voor het kwalitatief onderzoek werd gebruik gemaakt van een interview. De vragenlijst bevatte in totaal 91 vragen. Deze vragen waren verdeeld in kennis, houding en ervaring vragen, deze vragen waren weer verdeeld in meerkeuze vragen, open vragen en stellingen. De eetdagboekjes waren uitgedeeld om na te gaan hoe de verschillende groepen omgaan met verse producten, of er mee geholpen werd met het bereiden van een maaltijd, of de producten keurmerken bevatten en of kinderen in de groepen de maaltijd lekker vonden. Het interview is alleen bij de groepen ST- en ST+ gehouden en bestond uit een reeks geselecteerde woorden, die associaties en gedachtegangen van de kinderen naar boven moesten brengen. De interviews zijn afgenomen na het maken van de vragenlijst. Resultaten Na verschillende toetsen was gebleken dat de groep met een integraal natuureducatie aanbod significant de meeste kennis had in vergelijking met de schooltuinengroep en de controle groep. Ook de schooltuingroep had significant meer kennis over gezonde, verse en duurzame voeding dan de controle groep. Vergeleken met de ST+ groep had de IN groep een significant positievere houding, ook bij IN en ST- was hier een positief verschil, IN had gemiddeld beter gescoord op houding dan ST-, maar dit verschil is niet significant gebleken. ST- en ST+ verschilden niet in houding en ervaring. IN heeft daarnaast gemiddeld wel beter gescoord op ervaring dan ST+, maar dit verschil is niet significant gebleken. Conclusie Een integraal natuureducatie aanbod en schooltuinlessen kunnen beide bijdragen aan kennisvermeerdering van kinderen op het gebied van gezonde, verse en duurzame voeding. Hoe meer aandacht eraan werd besteed, hoe beter de resultaten. Aanbevelingen De positieve effecten van schooltuinen en een integraal natuureducatie aanbod zijn aangetoond. Het is wenselijk om meer onderzoek te doen, aan de hand van de aanbevelingen, naar de verschillen tussen de groepen op het gebied van kennis, houding en ervaring

Toon meer
OrganisatieHogeschool van Amsterdam
InstituutBewegen, Sport en Voeding
Gepubliceerd in
Jaar2012
TypeBachelorscriptie
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 25 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk