De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Refeeding syndroom bij kinderen : Aanbevelingen voor de herkenning en behandeling van het refeeding syndroom bij kinderen gebaseerd op een literatuurstudie, een expert opinion onderzoek en een retrospectief onderzoek.

Rechten:

Refeeding syndroom bij kinderen : Aanbevelingen voor de herkenning en behandeling van het refeeding syndroom bij kinderen gebaseerd op een literatuurstudie, een expert opinion onderzoek en een retrospectief onderzoek.

Rechten:

Samenvatting

Achtergrond: Er is zowel nationaal als internationaal geen wetenschappelijk onderbouwd protocol voor het refeeding syndroom bij kinderen. Het Nederlands Voedingsteam Overleg (NVO) heeft onlangs een nationale richtlijn uitgebracht voor de herkenning en behandeling van het refeeding syndroom bij volwassenen. De vraag is echter of deze richtlijn ook voor kinderen gehanteerd kan worden. Het doel van deze afstudeeropdracht betreft een aanbeveling voor het Medisch Centrum Alkmaar (MCA) ten aanzien van de herkenning en behandeling van het refeeding syndroom bij kinderen op basis van de meest recente inzichten. Methoden: De afstudeeropdracht bestaat uit een literatuurstudie en een expert-opinion onderzoek. Het expert-opinion onderzoek is uitgevoerd onder diëtisten, kinderartsen, auteurs, een ziekenhuisapotheker en een medisch immunoloog om de beperkte informatie uit de literatuur aan te vullen met recente inzichten en opinies. Daarnaast is een retrospectief onderzoek uitgevoerd om een beeld te krijgen van de incidentie van het refeeding syndroom onder kinderen die in het MCA gestart zijn met parenterale voeding of sondevoeding in de periode 2005 tot en met 2012. Resultaten literatuurstudie: Uit de literatuurstudie komt naar voren dat kinderen verschillen van volwassenen op het gebied van metabolisme en lichaamssamenstelling. In enkele bronnen worden specifieke risicofactoren voor kinderen beschreven zoals het gewicht als percentage van het ideaalgewicht (<70-80%), gewicht voor lengte <75% en een armomtrek <5de percentiel. Incidentiecijfers van het refeeding syndroom bij kinderen zijn onbekend door het ontbreken van een eenduidige definitie en mogelijk door onvoldoende herkenning. Sinds 2010 wordt in enkele bronnen het standpunt ‘start low, advance slow’ ten aanzien van het voedingsbeleid ter discussie gesteld. Nieuw wetenschappelijk onderzoek laat zien dat er geen relatie is tussen calorische voedingsinname en het ontstaan van hypofosfatemie. Resultaten expert- opinion onderzoek: Uit het expert-opinion onderzoek komt naar voren dat er bij de herkenning van het refeeding syndroom bij kinderen breder gekeken moet worden dan de reeds bestaande risicofactoren. Kinderen met een verminderde voedingsinname van 2-3 dagen, vormen mogelijk al een risicogroep. Daarnaast komt naar voren dat er momenteel geen consensus is over de referentiewaarden van klinisch chemische parameters en het beleid ten aanzien van suppletie van elektrolyten en thiamine. Enkele experts raden aan om thiamine preventief te suppleren zonder vooraf de waarde van thiamine te laten bepalen omdat dit kostbaar is en de uitslag pas na 7-10 dagen bekend is. De hoeveelheid en wijze van suppletie valt in alle gevallen onder de verantwoordelijkheid van de kinderarts. Resultaten retrospectief onderzoek: Het retrospectief onderzoek toont aan dat van de 73 patiënten waarbij het fosfaat is bepaald, 2 patiënten (3%) hypofosfatemie (<0.5 mmol/l) hebben ontwikkeld. Bij 113 patiënten is het kalium bepaald, hierbij is bij 31 patiënten (14%) licht-matige hypokaliëmie (2.5-3.4 mmol/l) waargenomen. Er zijn geen afwijkingen waargenomen in de waarden van magnesium en calcium. Daarnaast hebben zich geen symptomatische verschijnselen voorgedaan die gerelateerd kunnen worden aan het refeeding syndroom. Conclusie en aanbevelingen: Kinderen hebben mogelijk meer kans op het ontwikkelen van het refeeding syndroom dan volwassenen. Daarnaast ontwikkelen kinderen het syndroom mogelijk in een eerder stadium. Een protocol specifiek gericht op kinderen zou in onze opinie dus een meerwaarde hebben. Er zal echter eerst een overeenstemming moeten komen over de definitie van het refeeding syndroom, om een correct wetenschappelijk onderbouwd protocol te kunnen ontwikkelen. Hiervoor zal eerst verder wetenschappelijk onderzoek gedaan moeten worden naar het ontstaan en de invloed van bepaalde factoren op het ontstaan van het refeeding syndroom. Op basis van ons onderzoek zouden de volgende aanbevelingen gegeven kunnen worden voor (de verbetering van) de herkenning en behandeling van het refeeding syndroom bij kinderen: - Er dient bij kinderen breder gekeken te worden dan de bestaande risicofactoren, omdat deze niet wetenschappelijk onderbouwd zijn. Bij kinderen moet er rekening mee worden gehouden dat een termijn van 2-3 dagen van verminderde voedingsinname al een verhoogd risico geeft op het ontwikkelen van het refeeding syndroom. - Er wordt geadviseerd om specifieke risicofactoren bij kinderen mee te nemen: gewicht als percentage van het ideaalgewicht (<70-80%) en gewicht voor lengte <75%. - Indien er consequente controle is van de kinderarts op de klinisch chemische parameters natrium, kalium, fosfaat en magnesium en de klinische toestand van de patiënt, zou er bij de herstart van de voeding mogelijk een hogere calorische waarde gehanteerd kunnen worden. Er is echter nog meer wetenschappelijk onderzoek nodig om een exacte calorische waarde aan te kunnen bevelen. - Vooralsnog wordt aanbevolen om thiamine (vitamine B1) preventief te suppleren vóór herintroductie van de voeding. De hoeveelheid en wijze van suppletie is onder verantwoordelijkheid van de kinderarts.

Toon meer
OrganisatieHogeschool van Amsterdam
InstituutBewegen, Sport en Voeding
Gepubliceerd in
Jaar2013
TypeBachelorscriptie
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 25 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk