De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Verschil in motorische vaardigheden tussen korte en lange kinderen

Rechten:

Verschil in motorische vaardigheden tussen korte en lange kinderen

Rechten:

Samenvatting

Samenvatting Doel Kinderen uit één klas kunnen behoorlijk veel verschillen qua lengte. Er is weinig bekend over de invloed van lengte op de motorische vaardigheden. Daarom was het doel van dit onderzoek om in kaart te brengen wat het verschil in motorische vaardigheden is tussen korte en lange kinderen van elf en twaalf jaar oud. Methode Het verschil in motorische voorsprong (motorische leeftijd-kalenderleeftijd) van de 25% kortste kinderen (n=96) en 25% langste kinderen (n=98) van elf en twaalf jaar oud werd onderzocht. Deze data is afkomstig uit het MAMBO-project. Om de twee groepen met elkaar te vergelijken is gebruik gemaakt van een onafhankelijke t-test. Ook is gekeken naar het verschil in motorische voorsprong op de sprongprestaties tussen 25% kortste kinderen en 25% langste kinderen van elf en twaalf jaar oud. Om deze groepen te vergelijken is de Mann- Whitney U test gebruikt. Voor beide vragen is ook gekeken wat de relatie tussen de variabelen is met de Pearson’s r Correlation. Resultaten De korte kinderen scoren gemiddeld 0,41 jaar beter op de motorische test dan de lange kinderen (p=0,026). Wel hebben beide groepen een motorische achterstand. Ook scoren de lange kinderen gemiddeld 0,34 jaar slechter op de sprongprestaties dan de korte kinderen (p=0,05). De correrelatie die gevonden is tussen de lengte en motorische voorsprong is erg zwak Conclusie Lange kinderen scoren slechter op de motoriek test dan korte kinderen. Hoewel de gevonden verschillen tussen de groep lange en korte kinderen significant zijn; en ook de correlatiecoëfficiënt significant is, zijn de resultaten weinig relevant voor de beroepspraktijk. De correlatie is te zwak om conclusie te kunnen trekken. Daarnaast zijn ook de verschillen tussen beide groepen te klein om iets met de resultaten te doen in de beroepspraktijk. Echter is het wel belangrijk dat kinderen altijd binnen hun eigen zone van naaste ontwikkeling oefenen. Er moet gezorgd worden voor oefeningen op maat.

Toon meer
OrganisatieHogeschool van Amsterdam
OpleidingAcademie voor Lichamelijke Opvoeding
AfdelingBewegen, Sport en Voeding
Jaar2016
TypeBachelor
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk