De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

De ontwikkeling, implementatie en evaluatie van een omgevingsinterventie

Rechten:

De ontwikkeling, implementatie en evaluatie van een omgevingsinterventie

Rechten:

Samenvatting

Aanleiding Al jarenlang neemt het percentage overgewicht toe in Nederland, ook jongeren kampen met matig tot ernstig overgewicht. Laagopgeleiden kampen vaker met overgewicht dan hoogopgeleiden. Een verklaring hiervoor is de obesogene omgeving. Jongeren van 13 tot 18 jaar maken steeds vaker zelfstandig voedingskeuzes in bijvoorbeeld schoolkantines. Het RIVM laat weten dat er verbeteringen mogelijk zijn met betrekking tot het voedingsaanbod in schoolkantines, wat mogelijk kan bijdragen aan een vermindering van overgewicht bij jongeren. Probleemstelling In opdracht van het Wellantcollege de Groenstrook in Aalsmeer is onderzocht wat het effect is van de ontwikkelde omgevingsinterventie (gericht op de determinanten prijs, informatievoorziening en kantine-inrichting) op het koopgedrag van de leerlingen. De hypothese luidt: Leerlingen van het Wellantcollege de Groenstrook in Aalsmeer kopen meer gezonde producten ten opzichte van ongezonde producten tijdens de implementatie van een omgevingsinterventie. Methode De onderzoeksopzet bestaat uit het ontwikkelen, implementeren en evalueren van een omgevingsinterventie. Voor het ontwikkelen van een omgevingsinterventie is gebruik gemaakt van de zes stappen van Intervention Mapping, literatuuronderzoek is hiervoor nodig geweest. Het meten van het effect van de omgevingsinterventie is gedaan middels een nul- en nameting en een enquête (kwantitatief onderzoek). De procesevaluatie is gedaan middels focusgroepen met leerlingen en gesprekken met kantinemedewerkers (kwalitatief onderzoek). De resultaten van de nul- en nameting zijn in Excel verwerkt en middels de handmatige Chi kwadraattoets is de significantie berekend. Resultaten Er is geen significant effect gevonden tussen de nul- (n=550) en nameting (n=252) van gezonde en ongezonde producten. In verhouding tot de nulmeting zijn er tijdens de nameting 1,2% minder gezonde producten gekocht door leerlingen. Ook zijn er geen significante verschillen gevonden tussen de nul- en nameting bij jongens en meisjes. Bij de determinant prijs zijn er bij de nameting 0,40% meer gezonde producten en 6,02% meer ongezonde producten gekocht. Bij de determinant informatievoorziening zijn er bij de nameting 1,72% minder gezonde producten en 0,48% meer ongezonde producten gekocht. Bij de determinant kantine-inrichting zijn er bij de nameting 1,99% meer gezonde producten en 0,28% minder ongezonde producten gekocht. Discussie De hypothese wordt op basis van de resultaten verworpen, omdat er tijdens de nameting minder gezonde producten (44,8%) werden gekocht ten opzichte van ongezonde producten (55,2%). Een mogelijke verklaring hiervoor is dat er nog steeds te veel ongezonde producten worden aangeboden voor leerlingen in de schoolkantine. Conclusie De omgevingsinterventie heeft geen significant effect op het koopgedrag van leerlingen van het Wellantcollege de Groenstrook. Verder onderzoek is nodig. Aanbevolen wordt minder ongezonde producten in het assortiment van de schoolkantine aan te bieden.

Toon meer
OrganisatieHogeschool van Amsterdam
OpleidingVoeding en Diëtetiek
AfdelingBewegen, Sport en Voeding
Jaar2017
TypeBachelor
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk