De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Wolbroeken in een communicatief perspectief

Wolbroeken in een communicatief perspectief

Samenvatting

Wolbroeken is een deeluitwerking van het project ‘Inrichting landelijk gebied Olst-Wesepe’.
Beide projecten worden uitgevoerd in opdracht van de Provincie Overijssel. Het ruim 50
ha groot tellende plangebied ‘Wolbroeken’ heeft drie centrale doelen: het realiseren van
natuur, een waterberging en recreatiefuncties (voor wandelaars en fietsers). Het huidige
plangebied heeft gefragmenteerde eigendomsverhoudingen van onder andere particuliere
agrariërs en kent enkele tegenwerkende krachten vanuit bewoners en agrariërs uit de
directe omgeving. Daarnaast kent het inrichtingsplan ‘Olst-Wesepe’ een zeer lange
geschiedenis en er is al een keer een doorstart gemaakt. Bovenstaande twee redenen
gecombineerd met de rollen en belangen van de overige belanghebbende partijen, zoals
de gemeente Olst-Wijhe en het Waterschap Groot Salland maken het planproces van
Wolbroeken gecompliceerd.
In dit communicatieplan worden inzichten gegeven in het te volgen communicatieproces
en de inventarisatie van de inhoudelijke eisen voor Wolbroeken in een Programma van
Eisen. Het beheersaspect in Wolbroeken en de communicatie hiervan is ook een belangrijk
onderdeel in de deeluitwerking ‘Wolbroeken’ en daardoor ook opgenomen in dit
communicatieplan.
Probleemstelling:
Welke eisen moeten er worden gesteld aan de inhoud, procesbegeleiding en de
communicatiestrategie om het gecompliceerde planproces ter realisatie van natuur en
waterberging in de deeluitwerking ‘Wolbroeken’ binnen het project ‘Inrichting landelijk gebied
Olst-Wesepe’ voor Dienst Landelijk Gebied te kunnen realiseren?
De basis voor de strategie en aanbevelingen van het communicatieplan is de theorie uit
het boek ‘Projectmatig creëren 2.0’ (2006, auteurs: Jo Bos & Ernst Harting), overleggen
met Mariëlle Dekker (projectleider van het inrichtingsplan Olst-Wesepe, Dienst Landelijk
Gebied) en Wouter Langedijk (technisch medewerker projecten, Dienst Landelijk Gebied) en
interviews met andere technisch medewerkers projecten van de Dienst Landelijk Gebied en
externe organisaties.
De basis voor het Programma van Eisen, waarin alle inhoudelijke eisen worden verzameld
zijn voornamelijk overleggen met externe partijen uit de samengestelde werkgroep
‘Wolbroeken’ en diverse beleidsdocumenten.
Ten aanzien van de communicatiestrategie is er een krachtenveldanalyse uitgevoerd. In
deze analyse zijn diverse inventarisaties en analyses uitgevoerd op gebied van actoren,
houdingen en energieën, relaties en risico’s. De actorenanalyse geeft inzicht in alle 16
betrokken actoren, verdeeld in vier groepen: opdrachtgevers en aanstuurders, lijn- en
stafmanagement, uitvoerders en de gebruikers van het projectresultaat.
Uit de opgestelde energieprofielen blijkt dat er voornamelijk in de categorie ‘gebruikers’ de
tegenwerkende houdingen bevinden. Tegelijkertijd volgt uit de relatieanalyse dat bij
dezelfde categorie ‘gebruikers’ met de negatieve houdingen (over het algemeen) slechte
relaties bestaan tussen hen en de projectleider/werkgroep.
De opgestelde energieprofielen maken ook inzichtelijk dat enkele betrokken partijen die
opgenomen zijn in de werkgroep ‘Wolbroeken’ meerdere rollen ondersteunen. Deze
partijen hebben meerdere petten op. In de werkgroep ‘Wolbroeken’ zijn dit de
vertegenwoordiging agrariërs en de Stichting IJssellandschap. De vertegenwoordiging
agrariërs treed zowel op in de werkgroep ‘Wolbroeken’ en ondersteund daarmee de
doelen en maatregelen die gewenst zijn voor Wolbroeken. Daarnaast treed de
vertegenwoordiging op voor alle agrariërs in en nabij het plangebied ‘Wolbroeken’. Deze
twee rollen zijn tegenstrijdig aan elkaar. De Stichting IJssellandschap informeert en
adviseert als ‘algemene’ adviseur enerzijds de werkgroep ‘Wolbroeken’. Daarnaast is de
stichting inhoudelijk betrokken in het plangebied, omdat ze grondeigendommen hebben in
het plangebied ‘Wolbroeken’. Tevens hebben ze de wens uitgesproken om het gebied
‘Wolbroeken’ in eigendom en beheer te willen hebben. De projectleider/werkgroep en de
bovenstaan de partijen zelf, moeten goed in de gaten houden dat de rollen gescheiden
worden. Wanneer dit niet gebeurd zal hierop aangesproken moeten worden.
Nadat alle betrokkenen geïnventariseerd en geanalyseerd zijn, zijn de communicatiedoelen
opgesteld. Het effectdoel voor de belangrijkste categorie, de categorie ‘gebruikers’, is als
volgt geformuleerd: alle gebruikers hebben voordat de bestemmingsplanwijziging ter
inzage gaat een positief beeld en houding bij de deeluitwerking ‘Wolbroeken’. Vervolgens zijn per categorie en per projectfase procesdoelstellingen opgesteld die uiteindelijk leiden
tot actiedoelstellingen. Voor een goed en soepel lopend communicatieproces is het een
vereiste om de voorgestelde procesdoelstellingen per planfase op te volgen.
In de volgende stap, de inzet van de communicatiemiddelen, zijn de
communicatiemiddelen die gebruikt worden bij de Dienst Landelijk Gebied
geïnventariseerd. Ook zijn er interactieve communicatiemiddelen geïnventariseerd. De
communicatiemiddelen zijn zoveel mogelijk uitgewerkt naar doelgroep, doel van het
middel, te ondernemen acties bij de inzet van het middel en de frequentie van
communicatiemiddelen.
De opgestelde communicatiedoelen en de geïnventariseerde communicatiemiddelen
vormen de input voor de communicatiestrategie.
Participatie en interactiviteit is een belangrijk onderdeel in veel projecten waarin DLG een
rol speelt. Om interactieve planvorming in een project succesvol toe te passen moet het
project voldoen aan een aantal randvoorwaarden. Volgens deze zeven randvoorwaarden
is interactiviteit in Wolbroeken wel degelijk geschikt en mogelijk. Voor de betrokkenen in
Wolbroeken wordt in een dagdeelsessie in de planfase een schetsatelier georganiseerd. In
dit schetsatelier worden alle categorieën uit de krachtenveldanalyse in brainstormsessies
opgeroepen om gezamenlijk schetsen voor het plangebied ‘Wolbroeken’ te maken. De
inhoudelijke input, het kader en de randvoorwaarden voor het interactieve deel is het
Programma van Eisen die aan het einde van de verkenningsfase definitief gemaakt moet
worden. Voordat het Programma van Eisen naar de betrokkenen geïnformeerd kan worden
vereist het Programma van eisen een vertaalslag, zodat de methodiek en de inhoud
begrijpelijk en niet te technisch is voor de betrokkenen.
In Wolbroeken is er in enige mate sprake van tegenkracht bij een selecte groep personen
in de categorie ‘gebruikers’. De tegenkracht uit zich op dit moment vooral in de vorm van
vragen over de mogelijke consequenties/overlast van de te nemen maatregelen, zoals
overlast van water en ongedierte. Daarnaast hebben de agrariërs met huiskavels binnen
de begrenzing van het plangebied Wolbroeken vragen over hoe er met deze kavels
omgegaan wordt bij realisatie van de deeluitwerking ‘Wolbroeken’. Deze vragen kwamen
naar boven op een tweetal informatiebijeenkomsten van het project ‘Inrichting landelijk
gebied Olst-Wesepe’ in 2008. In verband met het globalere inrichtingsplan ‘Olst-Wesepe’
konden de vragen nog niet geheel concreet beantwoord worden. Om de huidige
tegenkracht niet tot weerstand te laten verergeren moeten bij duidelijkheid over de
inrichting van het plangebied ‘Wolbroeken’ de vragen zo snel en concreet mogelijk
beantwoord worden. Dit is een voorbeeld van een preventieve actie, waarbij het contact
maken en behouden met de categorie ‘gebruikers’ heel belangrijk is. Duidelijkheid over de
inrichting van het plangebied kan gegeven worden bij het definitieve Programma van Eisen
die aan het einde van de verkenningsfase opgeleverd moet worden. In het
communicatieplan is een communicatiestrategie opgezet voor deze categorie.
Wanneer de preventieve acties niet tot een succes leiden volgen er direct curatieve acties.
Bij curatieve acties is de tegenkracht weerstand geworden en wordt er getracht de
ontstane weerstand weg te nemen. De te doorlopen stappen hiervoor zijn: het
identificeren, benoemen en het voeren van een gesprek over de weerstand in één of
meerdere persoonlijke keukentafelgesprekken met de betrokkene met weerstand.
Er zijn diverse mogelijkheden om het beheer in Wolbroeken te realiseren. De
voorbereidingscommissie ‘Olst-Wesepe’ heeft in het inrichtingsplan een tweetal
randvoorwaarden aangedragen. De voorbereidingscommissie ziet het beheer het liefst
particulier en als een éénheid uitgegeven. Het beheer van een natuurgebied met de
diversiteit aan functies zoals natuur, water en recreatie in Wolbroeken vraagt om een
specialisme waar niet elke traditionele boer over beschikt. Tevens zijn de (natte) functies
voor de natuur in Wolbroeken ook moeilijk inpasbaar in een standaard bedrijfsvoering van
agrariërs.
De Stichting IJssellandschap ziet goede mogelijkheden in de inrichting en het beheer van
Wolbroeken en heeft de wens voor het beheer en eigendom van Wolbroeken kenbaar
gemaakt in de voorbereidingscommissie ‘Olst-Wesepe’. De stichting heeft tevens al
grondeigendommen in het plangebied ‘Wolbroeken’. Wanneer de stichting eigenaar en
beheerder wordt van het natuurgebied ‘Wolbroeken’ heeft de stichting de wens
uitgesproken het beheer te willen uitbesteden aan een derde.
Naast de Stichting IJssellandschap zijn er ook een aantal agrariërs in de omgeving van
het plangebied ‘Wolbroeken’ geïnteresseerd in het beheer in Wolbroeken. Deze geïnteresseerden moeten worden meegenomen in het keuzetraject van de eindbeheerder
en kunnen zowel individueel als gezamenlijk een rol spelen in het eindbeheer van
Wolbroeken onder leiding van de Stichting IJssellandschap. Tevens spelen deze
geïnteresseerden een belangrijke rol in het communicatietraject. In het communicatieplan
is een communicatiestrategie opgezet voor deze doelgroep.
Alle voorgaande theorieën, inventarisaties, analyses en praktijkervaringen zijn vervolgens
verwerkt in de communicatiestrategie en een visuele planning. De communicatiestrategie
geeft inzicht in de te volgen communicatie per categorie en per projectfase.
Naast het communicatieplan is er een start gemaakt met het opstellen van een
Programma van Eisen. Het doel voor het opstellen van het Programma van Eisen is
drieledig. Ten eerste worden alle ideeën en wensen die ooit zijn geroepen voor de
deeluitwerking ‘Wolbroeken’ schriftelijk vastgelegd, inclusief de bron. Daarnaast geeft het
Programma van Eisen duidelijkheid aan de betrokkenen in het plangebied en in de
omgeving van het plangebied ‘Wolbroeken’. Ten derde maakt het Programma van Eisen de
kaders en randvoorwaarden inzichtelijk voor het interactieve deel in de volgende
projectfase: de planfase.
Het Programma van Eisen is opgesteld met behulp van de methode ‘functie- en
objectenboom’. Deze methode is afgeleid van het ‘functioneel specificeren’. Functioneel
specificeren wordt veel door ingenieurs gebruikt Het doel van het opzetten van een
functie- en objectenboom is het opzetten van een hiërarchisch gestructureerd systeem om
de gestelde doelen van het project te behalen. In de functie- en objectenboom worden
alle geïnventariseerde objecten en eisen vastgelegd Na het vastleggen zijn alle objecten
en eisen te herleiden en voorzien van de bron.

Toon meer
OrganisatieSaxion
AfdelingAcademie Ruimtelijke Ontwikkeling en Bouw
PartnersDienst Landelijk Gebied
Jaar2010
TypeBachelorscriptie
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk