De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Re-integreren na een levenslange gevangenisstraf

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Re-integreren na een levenslange gevangenisstraf

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

In het rapport dat voor u ligt worden de resultaten van het praktijkgerichte onderzoek, dat is uitgevoerd in opdracht van het Lectoraat Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties van Avans Hogeschool weergegeven. Het lectoraat Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties is onderdeel van het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool. Zij houden zich bezig met onderzoek op het gebied van maatschappelijke veiligheid. Samen met verschillende lectoraten wordt middels onderzoek antwoord gezocht op complexe veiligheidsvraagstukken. Bij het lectoraat Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties ligt de focus op huiselijk geweld, geweld in specifieke relaties en tevens op geweld door professionals. Belangrijk hierin is dat het slachtoffer afhankelijk is van de dader of niet koos voor een relatie met de dader (Avans Hogeschool, z.d.). Aan de hand van dit onderzoek kan het lectoraat kennis delen met de beroepspraktijk ten aanzien van de levenslange gevangenisstraf.

Wanneer een verdachte op dit moment wordt veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf betekent dat dat hij tot zijn dood in de gevangenis verblijft. Gratieverzoeken waarmee perspectief op vrijlating wordt geboden worden zelden gehonoreerd. Hierdoor heeft een levenslanggestrafte in principe geen enkel uitzicht op invrijheidstelling. Het Europees Hof heeft in een toetsingsrapport laten weten dat de uitvoering van de levenslange gevangenisstraf in Nederland in strijd is met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens [EVRM]. Het verdrag benoemt dat een tot levenslang veroordeelde niet ieder perspectief op vrijlating mag worden onthouden (Trouw, 2015). Staatsecretaris van Veiligheid en Justitie Klaas Dijkhoff heeft een wetsvoorstel ingediend waarin een levenslang gestrafte na 25 jaar uitzicht heeft op een toetsingsmoment waarbij wordt gekeken of de levenslanggestrafte daadwerkelijk in aanmerking komt voor re-integratieactiviteiten. Ook wordt gekeken of hij uiteindelijk in aanmerking komt voor een voorwaardelijke invrijheidstelling. Een onafhankelijk adviescollege moet volgens de Staatssecretaris onderzoek doen en een advies uitbrengen zodat hij kan beoordelen of de levenslanggestrafte in aanmerking komt voor re-integratieactiviteiten. Het Forum Levenslang heeft ook een wetsvoorstel ingediend omdat zij het niet eens zijn met het wetsvoorstel van de Staatsecretaris. Het forum pleit voor een rechterlijke toets. Die bestaat uit (1) een regeling voor voorwaardelijke invrijheidstelling van levenslanggestraften en (2) een volgprocedure. Het Europees Hof heeft Nederland verplicht gesteld om de uitvoering van de levenslange gevangenisstraf aan te passen.

De onderzoeker denkt met dit onderzoek een paar stappen vooruit. Met dit onderzoek wordt beoogd om meer inzicht te krijgen in wat voor soort re-integratietraject er nodig is om een levenslanggestrafte succesvol te laten re-integreren in de maatschappij. De centrale vraagstelling van dit onderzoek luidt dan ook als volgt:“Wat voor soort re-integratietraject is er nodig om een levenslanggestrafte in Nederland succesvol te laten re-integreren in de maatschappij?”. De uitkomsten van dit onderzoek kunnen bijdragen aan het implementeren van een re-integratietraject voor levenslanggestraften.

Om antwoord te krijgen op de hoofdvraag die centraal staat in het onderzoek is er een kwalitatief onderzoek uitgevoerd. Door middel van de volgende deelvragen is het onderzoek verder uitgediept en zijn meerdere factoren onderzocht:
1. Wat houdt een re-integratietraject in?
2. Welke hindernissen spelen er tijdens een re-integratietraject volgens hulpverleners?
3. Wat is volgens hulpverleners belangrijk in een re-integratietraject voor levenslanggestraften?
4. Wat voor invloed heeft het leefklimaat binnen de gevangenis op een levenslanggestrafte?
5. Welke invloed heeft een sociaal netwerk bij een re-integratietraject volgens hulpverleners?

Middels een literatuurstudie zijn de eerste en de vierde deelvraag grotendeels beantwoord met literatuur. Ook heeft de literatuurstudie een rol gespeeld in het opstellen van de topiclijst die werd gebruikt tijdens het afnemen van de interviews. Er is gekozen voor een ongestructureerd interview zodat er genoeg ruimte is voor het verhaal van de respondent. De resultaten uit de literatuurstudie en de interviews vervolgens geleid tot het beantwoorden van de centrale hoofdvraag in dit onderzoek, namelijk:
- In detentie al beginnen met re-integratieactiviteiten;
- Criminogene factoren zijn leidraad binnen een re-integratietraject;
- In detentie moet op tijd worden begonnen met het regelen van praktische zaken zoals inkomen, huisvesting en zorg;
- Persoonlijke benadering;
- Cognitie stimuleren;
- Een volgprocedure, voldoende en goede begeleiding, goed geschoold personeel, cognitief prikkelen, het nabootsen van situaties, maatschappelijke ontwikkelingen, een sociaal netwerk, praktische zaken regelen en Perspectief Herstelbemiddeling (voorheen “Slachtoffer in Beeld”) zijn belangrijke elementen in een re-integratietraject voor levenslanggestraften
- Een sociaal netwerk is belangrijk in een re-integratietraject, dus ook voor een re-integratietraject voor levenslanggestraften. Echter moet wel altijd goed bekeken worden of het sociaal netwerk als beschermende of belemmerende factor fungeert.

- Grote hindernissen tijdens een traject zijn: stigmatisering, bezuinigingen vanuit de overheid, motivatie en aansluiting van voorzieningen;
- Het leefklimaat binnen de gevangenis heeft over het algemeen een negatieve invloed op gedetineerde en daarmee ook op een re-integratietraject. Echter moet men er wel rekening mee houden dat het per persoon verschillend is wat voor invloed het heeft.

Aan de hand van de bovenstaande conclusies zijn aanbevelingen geformuleerd voor het Lectoraat Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties.
• Een persoonlijk plan waarmee in detentie al gestart wordt en waar criminogene factoren en gedragsverandering centraal staan;
• Persoonlijke benadering waarin ruimte is voor de hoop die levenslang gestrafte hebben wanneer zij toewerken naar het toetsingsmoment na 25 jaar;
• Een volgprocedure waarin de fysieke en mentale ontwikkeling van de levenslanggestrafte gemonitord en gedocumenteerd worden.
• Cognitieve stimulatie door het uitbreiden van het trainings-, onderwijs- en arbeidsaanbod in de gevangenis.
• Betere voorbereiding op terugkomst in de maatschappij door het nabootsen van situaties, het bijbrengen van maatschappelijke ontwikkelingen, het voorbereiden op stigmatisering en het op tijd beginnen met het regelen van praktische zaken als inkomen, huisvesting en zorg.
• Investeren in voldoende en opgeleid personeel dat te maken krijgt met levenslanggestraften, zowel in detentie als bij de reclassering.
• Verbeteren van aansluiting van voorzieningen en instanties.
• In detentie al beginnen met het betrekken of het opbouwen van een sociaal netwerk.
• Vervolgonderzoek

Toon meer
OrganisatieAvans Hogeschool
OpleidingMaatschappelijk Werk en Dienstverlening-Den Bosch
PartnersLectoraat Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties
Datum2017-05-29
TypeBachelorscriptie
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk