De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

De nieuwe methode raadsonderzoek voor schoolverzuimvan de Raad voor de Kinderbescherming

Een kritische blik op de uitvoering, toepassing en samenwerking met de ketenpartners in Zuidoost Nederland

Rechten: Alle rechten voorbehouden

De nieuwe methode raadsonderzoek voor schoolverzuimvan de Raad voor de Kinderbescherming

Een kritische blik op de uitvoering, toepassing en samenwerking met de ketenpartners in Zuidoost Nederland

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

In maart 2013 is landelijk binnen de Raad voor de Kinderbescherming de nieuwe methode raadsonderzoek voor schoolverzuim geïmplementeerd. Deze methode focust op het schoolverzuim van de jongeren en eventuele achterliggende problematiek. Het zorgaspect, waarin de vraag wordt gesteld wat de jongere nodig heeft om succesvol onderwijs te volgen, prevaleert boven het strafrechtelijke aspect. Dit zou betekenen dat de Raad de ‘zwaardere zaken’ in onderzoek zal nemen, waarbij sprake is van achterliggende problematiek. Naar aanleiding van deze nieuwe methode heeft er in eerste instantie een pilot gedraaid te ’s-Hertogenbosch. Na de pilot is de methode binnen de regio Zuidoost Nederland geïmplementeerd. Op 22 oktober 2013 heeft er een evaluatie van de implementatie van de methode raadsonderzoek voor schoolverzuim plaatsgevonden. Hierbij kwam naar voren dat er significante verschillen waren tussen de verschillende locaties behorende tot de regio Zuidoost Nederland. Namelijk; Roermond, Maastricht, Eindhoven en ’s-Hertogenbosch. Voornamelijk in ’s-Hertogenbosch werden meer schoolverzuimzaken uitgebreid naar een beschermingsonderzoek in vergelijking met Maastricht of Roermond.

Het onderzoeksteam heeft zich verdiept in de mogelijkheden die ten grondslag liggen aan deze verschillen. Mogelijkheden die ten grondslag kunnen liggen aan deze verschillen zijn; verschillen met betrekking tot het voorliggend veld in de verschillende locaties, verschillen of obstakels met betrekking tot de implementatie en verschillen met betrekking tot de werkwijze en/of uitvoering van de methode. Om onderzoek te doen naar de mogelijke oorzaken van de verschillen binnen de regio Zuidoost Nederland, wil het onderzoekteam antwoord geven op de vraag: Hoe wordt de nieuwe methode raadsonderzoek voor schoolverzuim vorm gegeven en uitgevoerd in de praktijk in de verschillende locaties binnen de regio Zuidoost Nederland en in de samenwerking met de diverse ketenpartners? Om antwoord te geven op deze vraag heeft het onderzoeksteam een aantal deelvragen opgesteld. Daarbij stelt het onderzoeksteam zich als doel:Inzicht krijgen in hoe de nieuwe methode schoolverzuim in de praktijk wordt uitgevoerd en waar eventuele verschillen en overeenkomsten zijn met betrekking tot deze uitvoering. Naar aanleiding van de eventuele verschillen en/of overeenkomsten aanbevelingen doen over creëren van een eenduidige en effectieve uitvoering van de methode schoolverzuim in de praktijk, ook met betrekking tot de samenwerking in de keten.

Het onderzoeksteam heeft tijdens het onderzoek gebruik gemaakt van verschillende kwalitatieve als kwantitatieve dataverzamelingsmethoden. Namelijk literatuuronderzoek, rapportageonderzoek, interviews met casusregisseurs, een interview met een expert en tot slot een groepsinterview.
Uit deze verschillende dataverzamelingsmethoden zijn opvallende resultaten naar voren gekomen.

Opvallend is dat uit de verschillende interviews is gebleken dat de implementatie niet op iedere locatie binnen Zuidoost Nederland in de praktijk hetzelfde is verlopen. Voornamelijk op de locaties in Limburg heeft men weerstand naar de methode raadsonderzoek voor schoolverzuim ervaren. Een ander opvallend resultaat is dat er verschillen zijn in het hulpaanbod in het voorliggend veld binnen de locaties. Binnen de verschillende locaties worden daardoor verschillende interventies in het voorliggend veld als effectief ervaren. Een ander opvallend resultaat is dat, op basis van de steekproef, voornamelijk in Roermond de gemiddelde leeftijd van de jongeren die van school verzuimde een stuk hoger ligt dan bijvoorbeeld in ’s-Hertogenbosch. Tevens is gebleken dat in voornamelijk Maastricht de school tijdens het schoolverzuimonderzoek niet altijd als informant was benaderd door de raadsonderzoeker. Deze opvallende resultaten kunnen ten grondslag liggen aan de significante verschillen met betrekking tot de uitbreidingen van schoolverzuimonderzoeken in de verschillende locaties binnen regio Zuidoost Nederland.

Naar aanleiding van de verschillende resultaten heeft het onderzoeksteam een aantal aanbevelingen gedaan. Deze aanbevelingen zijn gericht op het verbeteren van de implementatiewijze, de communicatie met het voorliggend veld, effectieve interventies in het voorliggend veld, de uitvoering van de methode, de afwegingen die men tijdens het onderzoek maakt, de verschillende soorten verzuim en veel voorkomende problematieke bij jongeren.
Naar aanleiding van deze aanbevelingen heeft het onderzoeksteam een beroepsproduct gecreëerd. Dit beroepsproduct is gericht op tacit – knowledge, oftewel verborgen kennis. Het onderzoeksteam gaat in op de ‘lerende organisatie’.

Toon meer
OrganisatieAvans Hogeschool
OpleidingSociaal Pedagogische Hulpverlening-Den Bosch
AfdelingASH Academie voor Sociale Studies 's Hertogenbosch
PartnersRaad voor de Kinderbescherming
Datum2014-06-02
TypeBachelorscriptie
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk