De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Brandscenario’s geparkeerd?

Onderzoek naar brandscenario’s in ondergrondse parkeergarages

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Brandscenario’s geparkeerd?

Onderzoek naar brandscenario’s in ondergrondse parkeergarages

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

Bij de brand in parkeergarage ‘De Appelaar’ te Haarlem in 2010 en de brand in de parkeergarage aan de Lloydstraat te Rotterdam in 2007 zijn respectievelijk negentien en zeven auto’s in vlammen opgegaan. In de richtlijnen voor parkeergarages wordt van een ontwerpscenario van maximaal drie auto’s uitgegaan. Dit is aanleiding geweest om, in opdracht van brandweer Apeldoorn en advies- en ingenieursbureau DHV, onderzoek te doen naar de brandscenario’s die in een ondergrondse parkeergarage kunnen voorkomen.
Dit onderzoek, uitgevoerd in het kader van de HBO opleiding 'Brede Bachelor of Engineering' met uitstroomprofiel ‘Fire Safety Engineering’ aan de Hanzehogeschool te Groningen heeft als doel meer inzicht te krijgen in brandscenario’s die zich kunnen voordoen bij een brand in een ondergrondse parkeergarage op het moment dat de brandweer arriveert. De opgedane kennis kan door Brandweer Apeldoorn worden gebruikt om een inzetstrategie te ontwikkelen in ondergrondse parkeergarages. DHV en de afdeling Risicobeheersing van Brandweer Apeldoorn kunnen in de ontwerpfase van een parkeergarage op basis van de resultaten uit dit rapport beheersmaatregelen treffen.
Het onderzoek beperkt zich tot ondergrondse parkeergarages met een gebruiksoppervlakte groter dan 1.000 m² tot het moment dat de brandweer arriveert bij de parkeergarage. De uitvoering van het onderzoek heeft plaatsgevonden op basis van literatuuronderzoek, statistiek, brandonderzoek en praktijkproeven. Analyse van de onderzoeksgegevens in combinatie met een probabilistische en fysische benadering heeft een tweetal realistische brandscenario’s opgeleverd. Daarnaast wordt een risicoanalysemodel (het cascademodel) voorgesteld dat als hulpmiddel kan dienen om met specifieke brandveiligheidsvoorzieningen de beheersbaarheid van een brand te bepalen.
De tijd waarbinnen de eerste autospuit arriveert, vormt de basis voor het te bepalen brandscenario. De opkomsttijd van de brandweer wordt langer en er vindt een verschuiving plaats van 8 naar 15 minuten. Met een brandmeldinstallatie en doormelding naar de brandweer kan een tijdswinst van 10 minuten gehaald worden in de meldtijd van de brand. De totale tijd vanaf het ontstaan van een brand totdat de eerste tankauto arriveert, varieert van 11 tot 30 minuten. In de ontwerpnorm NEN 6098 wordt deze tijd op 15 minuten gesteld.
Uit analyse van de praktijktesten blijkt dat het realistische brandvermogen bij één auto van vijf tot acht jaar oud rond 8 Megawatt ligt, met een verbrandingswaarde van 9.500 Megajoule. Hoeveel auto’s er zullen branden op het moment dat de brandweer aankomt, hangt af van veel factoren. Er moet rekening worden gehouden met brandoverslag naar weerszijden van de brandende auto en bij een dubbelparkeervak met brandoverslag naar de tegenover geparkeerde auto. De richtlijnen die gebruikt worden voor het bepalen van de brandveiligheid in parkeergarages houden echter alleen rekening met brandoverslag in één richting. Daarnaast worden lagere brandvermogens aangehouden, gebaseerd op onderzoeksgegevens van auto’s uit de jaren negentig. De twee scenario’s uit dit rapport bieden ondersteuning voor het bepalen van de brandontwikkeling en het bijbehorende totale brandvermogen. Het brandvermogen kan in de tijd snel oplopen tot wel 26 MW na 30 minuten.
Brand in een parkeergarage veroorzaakt veel rook en hindert de brandweer bij het optreden. Het gebruik van kunststoffen in auto’s is een van de belangrijkste oorzaken van het ontstaan van deze rook. De verwachting is dat het kunststofgebruik de komende jaren nog zal toenemen.
Nader onderzoek naar het rookpotentieel en het brandvermogen van auto’s met recente bouwjaren is daarom noodzakelijk.
Secundaire vuurlast kan het autobrandscenario in ondergrondse parkeergarages negatief beïnvloeden. Om branduitbreiding en toenemende rookontwikkeling in een ondergrondse parkeergarage door secundaire vuurlast te voorkomen, is het aan te bevelen geen opslag en brandbare constructiematerialen in een parkeergarage toe te staan.
Kleine parkeergarages (< 2.500 m²) kunnen een groter risico vormen voor het brandweeroptreden dan grote garages. In kleine garages bestaat, afhankelijk van de aanwezige ventilatie, een reële kans op flashover of backdraft. Het is daarom aan te bevelen deze garages eveneens te voorzien van een rookbeheersingssysteem of een automatische blusinstallatie met doormelding naar de brandweer. Dit in tegenstelling tot de regelgeving en richtlijn voor parkeergarages.
In het kader gelijkwaardigheid wordt in parkeergarage met een gebruiksoppervlakte groter dan 1.000 m² brandventilatie of een automatisch blussysteem als gelijkwaardige veiligheid toegepast. Een tien-voudige ventilatie volgens de LNB-richtlijn biedt voor de brandweer echter niet voldoende veiligheid om een binnenaanval te kunnen doen. De brandweer wordt alsnog geconfronteerd met een dichte muur van rook. In dit rapport wordt aanbevolen deze ventilatie niet meer toe te staan. Een rookbeheersingssysteem waarmee ‘zicht op de brand’ wordt gecreëerd, kan in bepaalde gevallen wel een goede ondersteuning voor de brandweer bieden. Belangrijk is dan wel dat het rookbeheersingssysteem is gedimensioneerd op de juiste ontwerpbrand en op een vakkundig opgestelde CFD-simulatie. Of het criteria ‘zicht op de brand’ in de praktijk gehaald wordt is nog twijfelachtig, omdat dit ook weer afhankelijk is van veel factoren. Deze staan in dit rapport beschreven. De andere gelijkwaardige oplossing in de vorm van een automatisch blussysteem, blijkt zeer effectief te zijn. Uit praktijktesten in parkeergarages en tunnels blijkt dat een automatisch blussysteem de brand in een parkeergarage beperkt tot één auto.
Er zijn veel factoren die in meer of mindere mate van invloed zijn op het brandscenario. Uit analyse van deze invloedsfactoren komt naar voren dat geen concreet antwoord kan worden gegeven op de vraag welk brandscenario er in een parkeergarage kan voorkomen. Er kan niet worden uitgegaan van slechts één brandscenario dat als een ontwerpbrand voor bijvoorbeeld een rookbeheersingssysteem kan dienen. Elke parkeergarage is immers anders. De werkelijke opkomsttijd, in combinatie met het brandscenario in de tijd en de complexiteit van het bouwwerk met alle invloedsfactoren, bepaalt welk brandveiligheidsniveau nodig is en of een binnenaanval mogelijk is. Algemene conclusie van dit rapport is dan ook dat de beoordeling van elke parkeergarage maatwerk vergt in de vorm van een risicoanalyse, waarbij de scenario’s in dit rapport als uitgangspunt genomen kunnen worden. De vele in dit rapport geïnventariseerde invloedsfactoren vormen een basis om de context van de risicoanalyse vast te stellen. Het cascademodel is hierbij enerzijds een hulpmiddel om, afhankelijk van de aanwezige brandbeveiliging, een antwoord te vinden op de vraag of de brand nog door de brandweer te bestrijden zal zijn. Anderzijds biedt dit model in de ontwerpfase de mogelijkheid om beheersmaatregelen toe te passen, afgestemd op het gewenste brandveiligheidsniveau en het brandweeroptreden. Voor de ontwerpfase en voor de inzetstrategie biedt dit onderzoek dan weliswaar geen concreet scenario aan, maar het verschaft wel inzicht in de manier waarop de brandveiligheid en de brandbestrijding in een specifieke parkeergarage beoordeeld kan worden.

Toon meer
OrganisatieHanzehogeschool Groningen
AfdelingInstituut voor Engineering
Jaar2011
TypeBachelorscriptie
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk