De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

De veroordeling in zedenzaken op grond van (getuigen)verklaringen en (in geringe mate) steunbewijs

Rechten:

De veroordeling in zedenzaken op grond van (getuigen)verklaringen en (in geringe mate) steunbewijs

Rechten:

Samenvatting

Achtereenvolgens wordt in deze samenvatting de volgende zaken besproken: aanleiding, onderzoek en onderzoeksvraag, doelstelling opdrachtgever, (verkregen) resultaten, conclusie en aanbevelingen.
Door een recente casus waarin een (getuigen)verklaring heeft gezorgd voor de veroordeling van cliënt, is bij Raza Advocaten de behoefte ontstaan aan meer informatie inzake het bewijs. Deze casus gaat over een veroordeling in een zedenzaak inzake het bewijs, waarbij er aangifte is gedaan naar aanleiding van seksueel misbruik van een minderjarig kind. Hier bestaan de bewijsmiddelen slechts uit verklaringen van horen zeggen. Er is verder geen sprake van steunbewijs. Deze (de auditu) verklaringen hebben geleid tot een veroordeling.
Er is in dit onderzoeksrapport onderzoek gedaan aan de hand van literatuuronderzoek en jurisprudentieanalyse, omdat de zaken hiermee grondig geanalyseerd kunnen worden waarin de belangrijkste feiten en factoren naar voren worden gebracht. Hiermee wordt beoogd een duidelijk inzicht te geven van de geanalyseerde zaken. In dit onderzoek is de volgende hoofdvraag beantwoord:
“Welk advies kan Raza Advocaten haar cliënten geven met betrekking tot het steunbewijs voor veroordeling van zedenzaken blijkens wet- en regelgeving en jurisprudentie?’’
De doelstelling van dit onderzoek is om Raza Advocaten inzicht te geven over de gevallen waarin het tenlastegelegde feit is gebaseerd op de verklaring van het slachtoffer, de verklaringen van getuigen en de verklaring van de verdachte en wanneer het steunbewijs met betrekking tot zedenzaken als voldoende wordt gezien om het tenlastegelegde feit bewezen te verklaren. Van groot belang is de beantwoording van de vraag wat steunbewijs is en onder welke omstandigheden dit als voldoende wordt gezien door de Hoge Raad.
Uit de resultaten is naar voren gekomen dat als steunbewijs gedacht kan worden aan:
• Aanwijzingen uit verklaringen
• Chatberichten
• Dagboekaantekeningen
• Deskundigenrapporten
• Doekjes
• Dvd’s
• E-mailberichten
• Foto’s
• Getuigenverklaringen
• Gsm

Hierbij wordt door de rechter getoetst of het steunbewijs de volgende factoren bevat;
• Waarnemingen of vaststellingen die hij/zij persoonlijk heeft gedaan.
• Conclusies uit deskundigenrapporten waarmee de verklaring van het slachtoffer of een ander belastende feit of omstandigheid wordt bevestigd.
• Een niet te ver verwijderd verband tot het steunbewijs.
• Typerende elementen, waarmee een geheel of gedeelte van het ten laste gelegde bewezen kan worden.
Voor veroordeling blijkt uit de analyse dat bij deze zaken de rechter eerst kijkt of de verklaringen betrouwbaar zijn. Hierbij is van belang dat de verklaringen consistent zijn en bovendien steun vinden in ander bewijsmateriaal. Vervolgens wordt de vraag beantwoord of er steunbewijs aanwezig is en of het ook voldoende is om tot de bewezenverklaring te komen. Het steunbewijs moet inhoudelijk verband hebben met de getuigenverklaringen. De getuigenverklaringen moeten ‘objectieve’ waarnemingen of vaststellingen bevatten die in eigen persoon zijn gedaan, zodat ze als tweede bewijsgrond aangemerkt kunnen worden.
Voor vrijspraak blijkt uit de analyse dat verklaringen als onbetrouwbaar worden geacht, als ze niet consistent zijn en bovendien niet of onvoldoende aanknopingspunten hebben met betrekking tot de verklaring van het slachtoffer en het overige bewijs. Gelet wordt ook op de rechtstreekse betrokkenheid van getuigen. Vervolgens moet gekeken worden of er voldoende steunbewijs aanwezig is. Uit de geanalyseerde zaken blijkt dat steunbewijs dat in een te ver verwijderd verband staat tot de getuigenverklaringen, niet gebruikt mag worden om het strafbare feit bewezen te verklaren. Als de rechtbank en/of het gerechtshof aangeeft dat ander bewijs de verklaring van het slachtoffer wél ondersteunt, maar dit niet voldoende motiveert, dan oordeelt de Hoge Raad dat de bewezenverklaring niet naar de eis der wet met redenen zijn omkleed. De verdachte wordt dan vrijgesproken.
Om antwoord te geven op de centrale vraag, is aan de hand van het literatuuronderzoek en de jurisprudentieanalyse, het volgende geadviseerd:
Belangrijk is om na te gaan welke bewijsmiddelen naar voren zijn gebracht. De aanwezigheid van steunbewijs leidt niet automatisch tot de veroordeling. Ook niet als er voldaan is aan het bewijsminimum. Voor de veroordeling is het belangrijk dat er niet een te ver verwijderd verband is tussen de verklaring van het slachtoffer en het steunbewijs. Als in het verweer aangetoond kan worden dat er geen inhoudelijk verband bestaat tussen het steunbewijs en de verklaring van het slachtoffer en onderbouwd kan worden waarom de verklaringen niet betrouwbaar zijn, dan is de kans op vrijspraak van de cliënt groter.

Toon meer
OrganisatieHogeschool Leiden
OpleidingHBO-Rechten
AfdelingFaculteit M&B
PartnersAdvocatenkantoor Raza
Datum2016-07-26
TypeBachelor
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk