De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Onderzoek naar de validiteit en betrouwbaarheid van een toets taalbeheersing Nederlandse Gebarentaal

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Onderzoek naar de validiteit en betrouwbaarheid van een toets taalbeheersing Nederlandse Gebarentaal

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

In het kader van de opleiding Master Leraar Nederlandse Gebarentaal, verzorgd
door het Instituut voor Gebaren, Taal en Dovenstudies aan de Hogeschool Utrecht, is
de toets Taalbeheersing Nederlandse Gebarentaal 12 voor Leraren (NGT12L)
onderzocht. Deze toets wordt afgenomen bij derdejaars studenten van de
bacheloropleiding Leraar Nederlandse Gebarentaal aan hetzelfde Instituut. Hierbij is
een vijftal onderzoeksvragen geformuleerd. Het onderzoek richt zich voornamelijk op
de interbeoordelaarsbetrouwbaarheid van de docenten die het vak Taalbeheersing
Nederlandse Gebarentaal onderwijzen. Elf van de twaalf docenten hebben een
viertal toetsen nagekeken, waarbij er sprake was van verschillende omstandigheden,
ofwel condities. In de eerste conditie is er gebruik gemaakt van het
beoordelingsformulier zoals dit sinds enkele jaren wordt gebruikt binnen de opleiding.
Dit beoordelingsformulier is binominaal, wat wil zeggen dat de docenten per bekeken
onderdeel kunnen kiezen uit twee opties: wel punten toekennen of geen punten
toekennen. In deze eerste conditie mochten de docenten de videoband met de toets
niet terugspoelen, wat te vergelijken is met het terplekke 'live' beoordelen. In de
tweede conditie maakten de docenten gebruik van hetzelfde beoordelingsformulier,
zij mochten de videoband echter naar believen terugspoelen en stopzetten. Dit is te
vergelijken met 'niet-live' beoordelen. In de derde conditie hebben de docenten
gebruik gemaakt van een nieuw beoordelingsformulier, waarbij er gebruik gemaakt
werd van een vierpuntsschaal in plaats van een binominale schaal. De onderdelen
die in deze derde conditie zijn bekeken zijn precies dezelfde onderdelen die in de
eerste en tweede conditie zijn bekeken. Bij deze derde conditie is bij twee toetsen
tevens aan de docenten gevraagd welk cijfer zij op basis van hun intuïtie zouden
geven. Tenslotte is de docenten door middel van een vragenlijst naar hun mening
over de validiteit van de toets gevraagd.
Naar aanleiding van de resultaten is er gekeken naar de volgende zaken:
- De interbeoordelaarsbetrouwbaarheid van de docenten in de drie condities.
- De overeenkomst tussen de intuïtie van de docenten en de daadwerkelijke
cijfers.
- Het verschil tussen 'live' beoordelen niet 'niet-live' beoordelen (conditie 1
versus conditie 2).
- De validiteit van de toets.
De resultaten zijn als volgt:
- De interbeoordelaarsbetrouwbaarheid is het grootst bij een binominale schaal.
Het betrouwbaarheidscijfer in conditie 1 en 2 valt binnen de categorie 'erg
goed'. Bij de vierpuntsschaal daalt het betrouwbaarheidscijfer zo ver, dat deze
in de categorie 'onacceptabel' valt.
- Er zijn geen uitspraken te doen over het verschil tussen 'live' beoordelen en
'niet-live' beoordelen. In het ene geval daalt het betrouwbaarheidscijfer, in het
andere geval stijgt het cijfer. Wel is duidelijk geworden dat docenten in een
groot aantal gevallen hun oordeel wijzigen als zij de kans krijgen om de toets
nogmaals te bekijken (conditie 2).
- Er kunnen geen uitspraken gedaan worden over de overeenkomst tussen het
intuïtieve cijfer dat de docenten aan de studenten geven en het daadwerkelijke eindcijfer. Bij de ene student geven 9 docenten (n=11) een
intuïtief cijfer dat een punt hoger ligt dan het daadwerkelijke cijfer is, bij de
andere docent geven zeven docenten (n=11) juist exact hetzelfde intuïtieve
cijfer als het daadwerkelijke eindcijfer.
- Er zijn te weinig vragenlijsten ingevuld om goede uitspraken te kunnen doen
over de validiteit van de toets.
Het onderzoek is voorafgegaan door een literatuuronderzoek naar de manier waarop
in gesproken talen en in andere Gebarentalen mondelinge taalvaardigheid wordt
getoetst. Naar aanleiding van dit literatuuronderzoek en het praktische onderzoek
naar de betrouwbaarheid en validiteit van de toets NGT12L is een aantal
aanbevelingen gedaan. Deze aanbevelingen hebben betrekking op het al dan niet
gebruik maken van een vierpuntsschaal, het formuleren van descriptoren bij toetsen,
waardoor duidelijk is wat iemand precies moet kunnen om te voldoen aan het niveau,
het toetsen van de functie van de taal naast het toetsen van de vorm van de taal en
het trainen van docenten om toetsen te kunnen beoordelen.

Toon meer
OrganisatieHogeschool Utrecht
AfdelingGebaren, Taal en Dovenstudies
Datum2007-12
TypeMaster
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk