De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Optimalisatie aalgoten

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Optimalisatie aalgoten

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

Om een goed ecologisch potentieel (GEP) voor gebieden met een verbinding naar zee te krijgen, heeft Waterschap Zeeuwse Eilanden de verplichting dat er binnen het gebied diadrome vissoorten(trekvissen) voorkomen. Een van deze doelsoorten is de paling (Anguilla anguilla) en met name de glasaal (doorzichtige juveniele paling). Om de intrek van glasaal van buitenwater naar het achterliggende polderland te verbeteren zijn er een vijftal aalgoten aangelegd.

De aalgoot functioneert als volgt: bovenop de dijk stroomt zoetwater door de goot naar beneden. De glasaal wordt aangetrokken door deze lokstroom en probeert tegen de stroom in naar boven te klimmen. De goot is voorzien van een materiaal (het substraat) om de stroomsnelheid te remmen en de glasaal houvast te geven. De goot bestaat uit een rechthoekig en een rond gedeelte. De problemen ontstaan in het ronde gedeelte van de aalgoot omdat hier het substraat niet goed aansluit op de bodem. In de verdeelbak bovenop de dijk wordt de glasaal door de stroming in de afvoerbuis gespoeld. De afvoerbuis komt uit in de opvangbak, deze is gemaakt om de intrek te monitoren.

In dit rapport wordt op basis van literatuur en testen uitgevoerd in het voorjaar 2008 en de beschikbare gegevens van de periode 1995-2007 de volgende onderwerpen behandeld.
- Inventariseren knelpunten van de aalgoten
- Het in kaart brengen van de mogelijkheden om de intrek van glasaal over de aalgoten te verbeteren.
In 2008 is er een sterke toename waarneembaar in de aantallen glasaal die over de aalgoot binnentrekken. De toename is vooral te danken aan het plaatsen van een met kokosmat omwikkelde drainageslang in het buisgedeelte van de aalgoten Prommelsluis en Duiveland.

Met de vangstgegevens bij het gemaal Duiveland zijn de volgende factoren onderzocht.
- De invloed van het getij op de glasaalintrek is goed waarneembaar. Bij nieuwe en volle maan is er een duidelijke toename.
- Het aanstaan van het gemaal heeft geen directe invloed op de glasaalintrek. De hoogste intrek van glasaal vindt plaatst bij een watertemperatuur tussen de 10-11 ºC.
De knelpunten van de aalgoten zijn vooral technische mankementen. Om de aalgoten goed te laten functioneren zijn er aanpassingen nodig aan de goot, waterverdeling en opvangbak.

Om een vervangend substraat te vinden voor de kokosmat, is uit reeds gebruikte en alternatieve substraten een selectie gemaakt. De drie meest geschikte substraten zijn de borstelmat, kunstgras en geotextiel. Kunstgras en geotextiel zijn getest in een proefgoot bij het gemaal Zuidhoek met als referentie kokosmat. De resultaten wijzen uit tussen geotextiel en kunstgras geen verschil is, kokosmat geeft de beste resultaten.

Het bemonsteren van glasaal wordt gedaan met een kruisnet. Een mogelijk alternatief voor deze methode is de collector. Dit is een kunstmatige schuilplaats gemaakt van kunststof vezels. Het ontwerp is gebaseerd op het feit, dat glasaal zich overdag verschuilt tussen zeewier en stenen. Er zijn drie collectoren geplaatst in de Oosterschelde bij gemaal Prommelsluis, waarvan één voorzien van een zoetwaterstroom. Bij het gemaal de Piet is in het Veerse meer ook een collector geplaatst.
Gezien de slechte resultaten is de collector is geen vervanger voor de kruisnetmethode. De collector met lokstroom is met wat aanpassingen goed bruikbaar voor het bemonsteren van het glasaalaanbod.

Toon meer
OrganisatieHZ University of Applied Sciences
OpleidingWatermanagement/ Aquatische Ecotechnologie
AfdelingDelta Academy
PartnersWaterschap Zeeuwse Eilanden
Datum2008-07-01
TypeBachelor
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk