De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Mission Impossible?

Rechten:

Mission Impossible?

Rechten:

Samenvatting

In dit researchpaper analyseren we het grondoptreden van Hezbollah en de Israel Defence
Force (IDF) tijdens de Tweede Libanonoorlog in de zomer van 2006. Het optreden van de
Israëlische grondtroepen is daarbij regelmatig bekritiseerd. Deze analyse beoogt een antwoord
te geven op de vraag of het voor de IDF-grondstrijdkrachten een mission impossible
was om Hezbollah te verslaan. Het Nederlandse doctrinaire model van militair vermogen
dient daarbij als analyse-instrument. Het militaire vermogen, de capaciteit om militaire operaties
uit te voeren, bestaat uit drie componenten: de conceptuele component (grondbeginselen,
doctrine en procedures); de fysieke component (personele en materiële gevechtskracht)
en de mentale component (motivatie, effectief leiderschap en verantwoorde inzet
van middelen). Achtereenvolgens worden de aanloop en het verloop de strijd kort geschetst.
Vervolgens wordt het grondoptreden geanalyseerd.
Hezbollah had zich in de zesjarige aanloop naar het conflict ontwikkeld van een guerrillanaar
een hybride organisatie die zowel regulier als irregulier kan opereren. Hezbollah moest
– ter verdediging van de raketinstallaties – het verdedigend gevecht voeren terwijl de raketbeschietingen
tegen Israël zouden blijven doorgaan. Hezbollah had de IDF-doctrine goed
bestudeerd en voerde een (soort) gebiedsverdediging. In dorpen en op beheersende terreindelen
werden steunpunten ingericht. Hezbollah beschikte via Syrië en Iran over een groot
wapenarsenaal, waaronder moderne anti-tankwapens en hoogwaardige verbindingsmiddelen.
Bewuste schendingen van het oorlogsrecht (misbruik van civiele en beschermde objecten
zoals moskeeën, ziekenhuizen en ambulances) maakten deel uit van Hezbollah’s plan
van aanpak.
De IDF had een nieuwe doctrine omarmd. Het accent lag op het optreden tegen irreguliere
tegenstanders met speciale eenheden en precisievuurkracht. Grootschalige grondoperaties
waren niet meer nodig en grondeenheden zouden vooral als ‘doelopsporingsmiddel’ voor
luchtstrijdkrachten fungeren. Door deze doctrine én de jarenlange bestrijding van de Palestijnse
Intifadah gingen reguliere gevechtservaringen verloren. Bezuinigingen hadden de
investeringen in, de geoefendheid en de inzetbaarheid van de IDF-grondstrijdkrachten
ernstig aangetast, met name bij de reserve-eenheden. Training in reguliere gevechtsacties en
in het optreden in (grotere) formaties was achterwege gebleven.
Na de ontvoering van twee militairen initieerde de IDF precisiebombardementen. IDFgrondtroepen
voerden aanvankelijke beperkte aanvallen om Hezbollah als systeem uit te
schakelen. Specifieke doelstellingen ontbraken daarbij echter. De standvastige verdediging
en de bewapening van Hezbollah verraste de IDF.
In tweede instantie voerden IDF-grondeenheden omvangrijkere aanvallen uit tegen dieper
(in Zuid-Libanon) gelegen doelen. Ook nu werden geen specifieke doelenstellingen vastgesteld
voor de grondeenheden.
IDF-grondstrijdkrachten hadden regelmatig grote moeite om Hezbollah in het directe gevecht
te verslaan. De redenen waren legio: grondtroepen liepen in hinderlagen; skills & drills
bleken verleerd; er bestond onbekendheid met het gecombineerd tank-infanterie optreden;
vi
het ontbrak aan professionalisme en ervaring; voorraden waren niet op peil; tanks werden
‘verkeerd’ ingezet; et cetera. Bovenal bleek dat veel commandanten – vanwege de nieuwe
doctrine – erg voorzichtig in hun optreden waren en dat duidelijke opdrachten met beoogde
effecten niet werden weergegeven.
Omdat de IDF volgens de nieuwe doctrine geen grond veroverde en bezette en alleen doelen
aanviel en Hezbollah posities met veel moeite uitschakelde kon Hezbollah deze gebieden
vaak in gebruik houden. Drie weken na aanvang van het conflict ontstond het besef dat de
nieuwe doctrine niet werkte en werd de opdracht verstrekt een grootschalig offensief uit te
voeren vóórdat de VN een staakt het vuren kan afdwingen. Deze uiteindelijke opmars naar
de Litani ontbeerde echter wederom specifieke doelstellingen. Het ontbrak de IDFgrondstrijdkrachten
aan voorbereiding, richtlijnen en tijd om deze laatste opdracht tot een
goed einde te brengen. Omdat de IDF de gevechten uiteindelijk slechts met veel inspanningen
wist te winnen, kon Hezbollah stellen dat het haar tactische doelstellingen grotendeels
had behaald: de IDF vertragen, verliezen toebrengen en weghouden bij de raketinstallaties.
Ten opzichte van de IDF had Hezbollah in de voorbereiding en tijdens het conflict de drie
componenten van het militaire vermogen beter ingevuld. Hezbollah bleek de meeste grondbeginselen
beter in acht te hebben genomen. Hezbollah had een eenvoudig plan, een gezamenlijk
doel, en haar optreden en uitrusting verraste de IDF. Hezbollah’s voortzettingvermogen
was beter door betere voorraadvorming. Hezbollah paste een strakke beveiliging toe
zodat locatie en vorm van haar acties voor de IDF verborgen bleven. Ondanks de relatief
statische verdediging trachtte Hezbollah offensief op te treden, initiatief te verkrijgen en
flexibel te blijven door met kleine groepen strijders aanvallen uit te voeren, te versterken en
zelfs kleine tegenaanvallen uit te voeren.
De IDF-grondtroepen daarentegen opereerden voorzichtig, doorzichtig en waren niet
agressief. Het gebrek aan specifieke doelstellingen leidde tot verwarring in de commandovoering
en in de uitvoering van operaties. Reserve-eenheden werden niet effectief ingezet
door ze laat op te roepen en bijna niet geconcentreerd in te zetten. De IDF-doctrine bleek
ongeschikt tegen het reguliere optreden van Hezbollah, terwijl Hezbollah haar doctrine
(optreden) op een confrontatie met de IDF had ingesteld.
Fysiek schoten de IDF-grondstrijdkrachten – met name de reserve-eenheden – te kort door
het gebrek aan training, investeringen en professionaliteit. Mentaal begonnen beide partijen
sterk, maar het moreel van de IDF-grondstrijdkrachten nam in de loop van het conflict af
toen Hezbollah een hardnekkige tegenstander bleek te zijn, ze misbruik maakte van het
oorlogsrecht en de operaties niet volgens plan verliepen. Hoewel de IDF de gevechten
uiteindelijk won, bleef het moreel van Hezbollah hoog omdat (tactische) doelstellingen
werden gehaald.
Onder deze omstandigheden was de opdracht aan de IDF-grondstrijdkrachten een mission
impossible.

Toon meer
OrganisatieNederlandse Defensie Academie
InstituutFaculteit Militaire Wetenschappen
LectoraatKrijgswetenschappen
Gepubliceerd in
Jaar2009
TypeRapport
TaalOnbekend

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 25 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk