Het peilen van de Nederlands-Adaptatie-Progressie (NAP)
schieten we te kort in onze voorbereidingen op extreem weer of stijgt het peil voldoende richting 2050?Het peilen van de Nederlands-Adaptatie-Progressie (NAP)
schieten we te kort in onze voorbereidingen op extreem weer of stijgt het peil voldoende richting 2050?Samenvatting
Binnen het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) is lokale en regionale overheden veel ruimte geboden om eigen klimaatadaptatie-aanpakken te formuleren, met als gezamenlijk doel om in 2050 klimaatadaptief te zijn. Deze decentrale aanpak heeft geleid tot uiteenlopende beleidsdiscoursen en doeldefinities, maar ook tot een beperkte kennisopbouw door het ontbreken van consistente monitoring. Dit artikel, uitgevoerd binnen het RAAK-project Klimaat-Adaptatie-Monitor (KAM), analyseert klimaatadaptatie-praktijken van gemeenten in Fryslân, Groningen en Noord-Holland. Op basis van een governance-analyse, klimaatrisicoanalyse en inventarisatie van maatregelen laat het onderzoek zien dat middelgrote steden vaker integrale aanpakken hanteren, terwijl kleinere gemeenten sectoraler werken. Analyse op basis van wijktypologieën toont dat maatregelen vooral worden gerealiseerd binnen (her)ontwikkelings- en beheeropgaven, terwijl verdichte bestaande wijken relatief achterblijven. Deze gebieden vereisen extra aandacht in de overgang van projectmatige naar een integrale benadering van klimaatadaptatie.

| Organisatie | |
| Datum | 2026-06-03 |
| Type | |
| Taal | Nederlands |



























