De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Deel deze publicatie

Civiel centrum Oppidum Batavorum

Een inventarisatie en nederzettingsgerichte vergelijking van Romeinse metalen gordel, wapen- en paardentuigvondsten van de St. Josephhof te Nijmegen

Open access

Civiel centrum Oppidum Batavorum

Een inventarisatie en nederzettingsgerichte vergelijking van Romeinse metalen gordel, wapen- en paardentuigvondsten van de St. Josephhof te Nijmegen

Open access

Samenvatting

In deze scriptie zijn 144 metalen militaria uit de opgraving op de St. Josephhof geanalyseerd. De vondsten zijn ingedeeld in drie hoofdgroepen: wapentuig, gordelonderdelen en paardentuig. Het terrein van de huidige St. Josephhof maakte in de Romeinse tijd deel uit van Oppidum Batavorum, een proto-urbane nederzetting die rond 19 tot 16 of 12 v. Chr. werd gesticht en bleef bestaan tot haar vernietiging tijdens de Bataafse Opstand (69–70 n. Chr.).

Het onderzoek is gebaseerd op materiaal uit vier onderzoeken (1950, 1981–1983, 2005–2006 en 2008) en begon met een studie van het fysieke materiaal in het Archeologisch Depot Nijmegen. De resultaten hiervan zijn vervolgens vastgelegd in de PAN-database (Portable Antiquities of the Netherlands). Alle vondsten zijn onderzocht op metaalsoort, decoratie, compleetheid, functie en, indien mogelijk, type. De gegevens zijn vervolgens geverifieerd door een materiaalspecialist.

De meeste vondsten (62,4%) dateren uit 12 v. Chr. – 120 n. Chr., wat goed aansluit bij de bestaansperiode van Oppidum Batavorum. Een relatief groot aandeel van de vondsten (17,7%) heeft een brede datering die overlapt met een kortstondig militair kamp dat volgens literatuuronderzoek in 70–71 n. Chr. op de restanten van het vernietigde Oppidum Batavorum werd aangelegd. Hoewel historische bronnen en eerder onderzoek het bestaan van dit kamp vermelden, ontbreken directe aanwijzingen in het huidige materiaal. De brede datering maakt het onmogelijk de vondsten eenduidig aan dit kamp toe te schrijven, maar de samenstelling suggereert dat het gebied na de Bataafse Opstand niet volledig werd verlaten. Uit de periode 120–300 n. Chr. zijn negen militaire objecten aangetroffen, waarvan sommige mogelijk afkomstig zijn van de begraafplaats van Ulpia Noviomagus, andere van een kleine civiele nederzetting, wat wijst op blijvende Romeinse aanwezigheid of hergebruik in een civiele context. Uit de periode 300–450 n. Chr. zijn vijf vondsten afkomstig, mogelijk van het nabijgelegen castellum Valkhof.

Op basis van de functionele verdeling van de vondsten blijkt dat 61,7% tot het paardentuig behoort, 27,7% tot gordelonderdelen en 10,6% tot wapentuig. Slechts 27% van de vondsten is gedecoreerd, waarbij de decoratie meestal bestaat uit eenvoudige vormen als profilering, groeven en uitsteeksels die al tijdens het gietproces zijn aangebracht. Omdat deze decoraties zijn meegegoten, zeggen ze weinig over de status van de eigenaar.

Een klein aantal vondsten (zes artefacten) is versierd met kostbare technieken zoals niëllo-inleg, vertinning, glaspasta en zelfs een ingelegde edelsteen. Deze bewerkingen vergden meer arbeid, materialen en vakkennis en lijken daarmee statusverhogend te zijn geweest. Voorbeelden zijn....

Toon meer
Organisatie
Afdeling
Datum2026-01-29
Type
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk