De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Mannen hebben geen hulp nodig, of wel?

Een oriënterend onderzoek naar de factoren die meespeelden bij de overweging van ex-cliënten van de mannenopvang om gebruik te maken van professionele hulp

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Mannen hebben geen hulp nodig, of wel?

Een oriënterend onderzoek naar de factoren die meespeelden bij de overweging van ex-cliënten van de mannenopvang om gebruik te maken van professionele hulp

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

Dit is een onderzoeksrapport dat door een vierdejaars student van de opleiding Culturele Maatschappelijke Vorming (CMV) is geschreven. Het rapport is gebaseerd op een onderzoek naar het thema mannenopvang. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het lectoraat Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties. Dit lectoraat houdt zich bezig met de aanpak van geweld in relaties van afhankelijkheid en onvrijwilligheid. Naar aanleiding van de nieuwe aandacht rondom de mannenopvang die veroorzaakt wordt door de opening van twee nieuwe locaties, heeft het lectoraat gekozen voor dit thema. De doelgroep waar dit onderzoek zich op richt, is mannelijke slachtoffers van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Daaronder vallen mannelijke slachtoffers van huiselijk geweld, eerwraak, geweld vanwege seksuele geaardheid en mensenhandel/mensensmokkel.
Er is al jaren een omwenteling gaande rondom het thema huiselijk geweld. Vroeger ging het vaak enkel om vrouwenmishandeling waarbij de man altijd als dader gezien werd. Tegenwoordig is duidelijk dat bijna evenveel mannen als vrouwen jaarlijks slachtoffer worden van huiselijk geweld. Naar aanleiding van deze omwenteling hebben vier grote steden in Nederland (G4: Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht) de handen ineen geslagen om in actie te komen tegen mannenmishandeling. Een onderdeel van hun gezamenlijke actieprogramma is het openen van mannenopvang locaties. Inmiddels is de mannenopvang door de overheid goedgekeurd als reguliere zorg en zijn er twee nieuwe locaties geopend. Wegens deze nieuwe aandacht is er vanuit het lectoraat gekozen om onderzoek te doen naar mannenopvang in Nederland. Dit onderzoek heeft daarbij nog de specifieke aanleiding dat de mannenopvang relatief minder gebruikt wordt dan de vrouwenopvang. Een evaluatierapport van de mannenopvang suggereert dat dit komt door een taboe op huiselijk geweld waarbij mannen slachtoffer zijn. Het vragen van hulp zou daardoor bemoeilijkt worden.
De centrale vraag van het onderzoek is: ‘Welke factoren hebben meegespeeld bij ex-cliënten van de mannenopvang in hun besluit om professionele hulp in te schakelen?’
Om antwoord te geven op deze vraag zijn vier ex-cliënten van de mannenopvang middels een ongestructureerd interview bevraagd over de overweging die zij destijds hebben gemaakt. Ook zijn twee hulpverleners geïnterviewd over hun observaties met betrekking tot dit onderwerp. Tot slot is een literatuuronderzoek gedaan naar de biologische, psychische en culturele factoren die mee zouden kunnen spelen in de overweging.
De belangrijkste factoren die benoemd werden zijn schaamte, angst, de onbekendheid van de opvang en de onbekendheid van de problematiek. De schaamte wordt voornamelijk veroorzaakt door het taboe dat heerst op mannelijk slachtofferschap. Deze schaamte heeft als gevolg dat mannen hun probleem of de situatie gaan vermijden. Zij storten zich dan vaak op hun werk of gaan overmatig alcohol gebruiken. De onbekendheid van de mannenopvang en van de problematiek speelt ook mee als belemmerende factor. De respondenten geven allen aan dat zij vooraf niet wisten dat de mannenopvang bestond. Zij hebben daardoor een omweg moeten nemen via allerlei andere organisaties. Ze zeiden dat als ze eerder hadden geweten dat de opvang bestond en wat het inhield, ze eerder hulp hadden gezocht. De hulpverleners gaven aan dat de onbekendheid van de opvang en van de problematiek bij de politie en bij welzijnsorganisaties ervoor zorgt dat de problemen vaak niet gesignaleerd worden. Angst is meestal als motiverende factor benoemd door de respondenten. Op het moment dat het geweld of de dreiging escaleert, vragen de slachtoffers om hulp. Daarnaast is er de angst dat het slachtoffer zelf dader wordt soms een motiverende factor.
Het lectoraat is geadviseerd om meer onderzoek te doen naar dit onderwerp, met daarbij specifiek de invloed van het taboe. Daarnaast is geadviseerd om in het onderwijs op de Academie voor Sociale Studies ’s-Hertogenbosch (ASH) meer aandacht te besteden aan deze problematiek en aan gendersensitief signaleren. De mannenopvang is geadviseerd om landelijke voorlichting te geven en om samen te werken met vrijwilligersorganisaties waarvan de vrijwilligers bij mensen thuis komen.

Toon meer
OrganisatieAvans Hogeschool
OpleidingCulturele en Maatschappelijke Vorming-Den Bosch
PartnersLectoraat veiligheid in afhankelijkheidsrelaties
Datum2017-06-19
TypeBachelor
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 25 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk