De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Oeverlijnverplaatsing op de Waal

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Oeverlijnverplaatsing op de Waal

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

In 1995 was er in Nederland een extreme hoogwaterstand die ook nog langer aanhield dan normaal. Hierbij zijn grote gebieden van Nederland uit angst voor een overstroming geëvacueerd. De overstroming bleef uit, maar om de veiligheid tegen overstromen in de toekomst te waarborgen kwam het kabinet in 2000 met het standpunt “Ruimte voor de Rivier” wat de afvoercapaciteit van de Rijntakken moet vergroten. Om dit te kunnen bewerkstelligen zijn er 39 verschillende maatregels bedacht die tussen 2006 en 2015 in realisatie zullen zijn.

Een van deze maatregels is de kribverlaging in de Waal. Hierbij worden de kribben in de Midden-Waal met één a twee meter verlaagd. Deze verlaging zorgt voor een grotere doorstroomoppervlakte voor de rivier wat een waterstanddaling van zes centimeter in de beneden trajecten tot twaalf centimeter in de boventrajecten, moet opleveren. Echter betekent een verandering in de rivier ook een verandering in de sedimenthuishouding, dat kan leiden tot erodatie of sedimenatie in de rivier.

Het effect van erodatie of sedimentatie kan nadelig zijn voor bijvoorbeeld de scheepvaart waardoor er naar deze zaken al druk onderzoek wordt gedaan. Echter blijven deze onderzoeken beperkt tot de vaargeul en worden de oevers van de Waal niet meegenomen. Toch zullen ook hier morfologische veranderingen plaatsvinden. Om een beter beeld van deze veranderingen te krijgen is dit onderzoek tot stand gekomen. Hierbij is er gezocht naar een antwoord op de vraag welke oorzaak de meeste invloed heeft op de morfologie rondom de oevers in de huidige situatie en in de situatie na de maatregel kribverlaging.

Om antwoord te kunnen geven op deze vraag is er eerst een analyse gemaakt van de definitie van een oeverlijn. Uit de analyse bleek, dat een oeverlijn niet gemakkelijk te definiëren is en vooral afhangt van de belanghebbende die de oeverlijn probeert te definiëren. Ook bleek uit deze analyse, dat voor dit onderzoek de hoogwaterstand niet relevant is. Vervolgens zijn verschillende oorzaken, die van te voren met behulp van experts als maatgevend zijn gekozen, geanalyseerd. Uit deze analyse blijkt, dat de scheepvaart de grootste invloed heeft op morfologische veranderingen in de huidige situatie. Uiteindelijk zijn dezelfde oorzaken geanalyseerd in een situatie na kribverlaging. Hierbij blijkt, dat het afvoerregime van de rivier de grootste invloed heeft op morfologische veranderingen bij de oever.

In beide gevallen gaat het om een kwalitatieve analyse van 1ste orde effecten van verschillende oorzaken. Dit wil zeggen, dat alleen naar de directe invloed van een oorzaak is gekeken en niet naar de effecten die zich later in de tijd, door de oorzaak of een combinatie van oorzaken, voordoen.

Met dit onderzoek is er een basis gelegd voor een doelgericht onderzoek naar morfologische veranderingen aan de oever langs de Waal. Daarbij wordt er aanbevolen om de invloed van de gekozen oorzaken ook te beschouwen bij hoogwater. Het nog te maken document zou dan samen met dit document een bredere basis kunnen geven voor vervolgonderzoek. Ook wordt er aanbevolen om de mogelijkheid van vrije erodatie van de oevers van de Waal, te onderzoeken.

Toon meer
OrganisatieHogeschool Utrecht
OpleidingCiviele Techniek
AfdelingGebouwde Omgeving
Datum2009-12-11
TypeBachelorscriptie
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk