De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Het analyseren en verbeteren van de ongewenste zithouding van een hemiplegie patiënt in een normale rolstoel

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Het analyseren en verbeteren van de ongewenste zithouding van een hemiplegie patiënt in een normale rolstoel

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

Hemiplegiepatiënten hebben grote problemen met het rijden in een normale rolstoel. Door hun handicap is één zijde van het lichaam verlamt. Door deze verlamming kunnen zij maar met één arm en één been de rolstoel aandrijven. Doordat zij beperkt zijn in het aandrijven van de rolstoel ontstaan er diverse ongewenste krachten en momenten op het lichaam van de patiënt.
Het grootste problemen waar de patiënt last van heeft is de ongewenste zithouding, de patiënt zakt onderuit in de rolstoel en lateroflecteerd met zijn romp. Doordat de rolstoel maar met één hand wordt aangedreven heeft de rolstoel een afwijking op zijn baan.
De patiënt moet gaan trippelen met zijn voet om de baan van de rolstoel te corrigeren.
De ongewenste zithouding van de patiënt heeft verschillende redenen. De patiënt zakt onderuit doordat hij trippelt met zijn voet om vooruit te komen. Om te kunnen trippelen moet de patiënt het bekken roteren ten opzichte van de zitting van de rolstoel.
Voor patiënten die de rolstoel alleen met hun arm aandrijven is het haast onmogelijk om de rolstoel gecontroleerd te besturen. De meeste patiënten moeten hierdoor met hun voet een corrigerend moment leveren ten opzichte van de baan van de rolstoel. Er is een groep patiënten die voldoende kracht heeft in het been om alleen hiermee de rolstoel aan te drijven. Deze groep heeft veel minder last van de afwijking van de baan van de rolstoel.
De conclusie die kan worden getrokken aan de hand van de analyse is dat de patiënten, doordat ze de baan van de rolstoel moeten corrigeren of de rolstoel met hun been aandrijven, ongewenste momenten en krachten creëren tijdens het rijden in de rolstoel.
Aan de hand van deze conclusie is onderzocht hoe deze ongewenste momenten en krachten verkleint kunnen worden of totaal kunnen worden opgeheven.
Er is gekozen om de aandrijving van de rolstoel te laten plaatsvinden door middel van een slinger beweging van het onderbeen waarbij alleen tijdens het extenderende moment kracht geleverd wordt. Zo drukt de patiënt zich zelf naar achteren in de rolstoel. De rolstoel wordt bestuurd door middel van een stuur welke één zwenkwiel aanstuurt. Het andere zwenkwiel zal vanzelf mee draaien in de bochten.
Het product wat is ontworpen is op de meeste type rolstoelen toepasbaar. De patiënten die de rolstoel gebruiken, die uitgerust is met dit ontwerp, glijden niet meer onderuit in hun rolstoel en hebben door middel van het stuur veel minder moeite met het corrigeren van de baan van de rolstoel.

Toon meer
OrganisatieDe Haagse Hogeschool
AfdelingTISH Bewegingstechnologie
PartnersRevalidatiecentrum Heliomare, Wijk aan Zee
Jaar2012
TypeBachelor
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk