De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Starshoe onder de Loop

het aanvullen van het huidige protocol m.b.t. het testen van beenlengteverschillen en de invloed daarvan op de overeenstemming van bevindingen en de zekerheid van het personeel

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Starshoe onder de Loop

het aanvullen van het huidige protocol m.b.t. het testen van beenlengteverschillen en de invloed daarvan op de overeenstemming van bevindingen en de zekerheid van het personeel

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

Er bestaat onenigheid over het benaderen van een functioneel beenlengteverschil ten opzichte van een anatomisch beenlengteverschil en de noodzaak om deze verschillen te corrigeren, zo ook onder de werknemers van (Voet Medisch Adviescentrum) Starshoe. Hierdoor zijn de werkwijze en de bevindingen bij het benaderen van mogelijke beenlengteverschillen niet in overeenstemming, en zijn de medewerkers niet altijd zeker over hun adviezen. Dit blijkt ook uit een nulmeting, waarbij het percentage overeenstemming van de beenlengteverschil bevindingen (Gem=57.5; SD=15.8) en het percentage van de zekerheid van die bevindingen (Gem=71.4; SD=16.1) in kaart zijn gebracht.
Er is onderzoek gedaan naar een geschikte klinische methode om een anatomisch beenlengteverschil en functioneel beenlengteverschil te benaderen. De ‘Block-measure’ methode is de meeste geschikte klinisch test om een anatomisch beenlengteverschil te testen in een setting zoals Starshoe. Omdat deze, ten opzichte van de ‘Tape-measure’ methode en de visuele ‘prone/supine’ methodes, als enige tijdens de test rekening houdt met de belasting van het lichaamsgewicht en het postuur van de voet en enkel. De ‘Lateral step down’ methode is een goede test om een functioneel beenlengteverschil te testen, welke hoofdzakelijk spierzwakte in de bekkenregio kent. Kenmerkend (volgens McCaw) voor een anatomisch beenlengteverschil is een kanteling van het bekken om de sagittale as, waarbij de spina ilaca posterior superior(sips) en spina iliaca anterior superior(sias) van het korte been lager staan dan de sips en sias van het lange been. Kenmerkend voor een functioneel beenlengteverschil is een tegenovergestelde kanteling van het bekken om de frontale as, waarbij de sips van het ‘korte’ been hoger staat dan de sips van het ‘lange’ been en de sias van het ‘lange’ been hoger staat dan de sias van het ‘korte’ been. Een meting met een ‘pelvic leveling’ apparaat, zoals PALM, kan richting geven aan welke van bovenstaande twee testen afgenomen moet worden, want bij een anatomisch beenlengteverschil is de lijn tussen de twee hoogste punten van de Crista iliaca randen niet meer horizontaal, en bij een functioneel beenlengteverschil nog wel. Bij een positieve uitslag van de block measure methode wordt geadviseerd een hakverhoging in de schoen te maken. Wanneer uit de Lateral-stepdown test blijkt dat er sprake is van matige spierstabiliteit of spierontwikkeling wordt een bezoek aan een fysiopraktijk geadviseerd.
Alle resultaten zijn in een beslisboom verwerkt en tijdens een interventie aan de medewerkers van Starshoe gepresenteerd. Uit de eindmeting blijkt dat de gemiddelde overeenstemming van bevindingen tijdens de eindmeting (Gem=78.9; SD=19.4) toegenomen is met 21.4 % ten opzichte van de nulmeting (Gem=57.5; SD=15.8). De gemiddelde mate van zekerheid over de bevindingen is tijdens de eindmeting (Gem=78.2; SD=7.3) met 6.8 % toegenomen ten opzichte van de nulmeting (Gem=71.4; SD=16.1).
De resultaten van de eindmeting maken het aannemelijk dat het aangevulde protocol, zoals eerder beschreven, een positieve invloed heeft op de overeenstemming van de bevindingen van de medewerkers Starshoe en op hun zekerheid. De stelling van McCaw kan echter ter discussie worden gesteld. Bij nader inzien blijkt de ‘Tape measure’ methode geschikter om te bepalen of er sprake is van een anatomisch of functioneel beenlengteverschil. Met deze nieuwe inzichten is er een beslisboom 2.0 ontworpen. Het is wenselijk dat de invloeden hiervan op de overeenstemming en zekerheid in een vervolg onderzoek onderzocht worden, bij voorkeur met een langere interventie tijd voordat een eindmeting verricht wordt.

Toon meer
OrganisatieDe Haagse Hogeschool
OpleidingGVS Mens en Techniek | Bewegingstechnologie
AfdelingFaculteit Gezondheid, Voeding & Sport
PartnersVeot Medisch Adviescentrum (Starshoe), Zoetermeer
Jaar2017
TypeBachelor
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk