De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Twee wordt één(?) : over de integratie van de functies pedagogisch medewerker en ambulant hulpverlener

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Twee wordt één(?) : over de integratie van de functies pedagogisch medewerker en ambulant hulpverlener

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

Onze onderzoeksvraag is:
Wat is de eventuele meerwaarde voor de naschoolse dagbehandeling Arcade, met kinderen in de leeftijd van zes tot en met twaalf jaar, om de taken van pedagogisch medewerker en ambulant hulpverlener door één persoon te laten uitvoeren?
De naschoolse dagbehandeling Arcade richt zich op kinderen in de leeftijd van 6 tot en met 12 jaar. Het gaat daarbij om kinderen en hun ouders die vanwege (gedrags)problemen van de kinderen gestructureerde en intensieve begeleiding/ behandeling nodig hebben. Hier is ambulante hulp ontoereikend en 24-uurs opname is niet wenselijk of nodig.
Arcade werkt volgens de methodieken competentiegericht en systeemgericht.
Arcade is een onderdeel van Bredervoort Leo Stichting Groep (LSG); een multifunctionele organisatie die geïndiceerde hulp biedt aan normaal begaafde jeugdigen van nul tot en met achttien jaar en hun thuissituatie.
In hoofdstuk 2 en 3 hebben wij respectievelijk de functiebeschrijvingen van de pedagogisch medewerker en de ambulant hulpverlener opgenomen. In het daarop volgende hoofdstuk hebben wij een analyse gemaakt van de verschillen en overeenkomsten van beide functies. Naast de vele overeenkomsten zijn er tevens een aantal verschillen. Het meest opvallende kenmerk is dat de pedagogisch medewerker zorgdraagt voor een verantwoord leefklimaat voor de individuele of in de groep geplaatste kinderen. De ambulant hulpverlener draagt tevens zorg voor een verantwoord leefklimaat, echter in de thuissituatie.
Bij de oprichting van Arcade heeft het managementteam gesproken over de mogelijkheden om de taken van pedagogisch medewerker en ambulant hulpverlener te integreren of gescheiden te houden. Beide mogelijkheden hadden zowel voor- als nadelen.
Het doorslaggevende argument om de functies van pedagogisch medewerker en ambulant hulpverlener gescheiden te houden, was de financiën.
In ons onderzoek hebben wij vier partijen onderscheiden: de ouders, de kinderen, de pedagogisch medewerkers en het managementteam. Wij hebben bij alle partijen interviews afgelegd. Wij hebben de ouders gevraagd om tijdens de interviews ook namens hun kinderen te spreken.
Aan alle respondenten hebben wij onder andere gevraagd welke voor- en nadelen zij zien in de eventuele integratie. De respondenten hebben veel items en voor- en nadelen genoemd voor de kinderen, ouders en pedagogisch medewerkers. Dit in tegenstelling tot de items en voor- en nadelen voor het managementteam.
Het meest genoemde voordeel van de integratie is dat er geen derde persoon, in de vorm van een ambulant hulpverlener, meer is. Ouders en kinderen hebben te maken met één persoon, één gezicht. Daarbij hebben ze te maken met één werkwijze en hoeven zij hun verhaal maar één keer te vertellen.
De pedagogisch medewerkers hebben in de interviews aangegeven dat zij op dit moment positieve ervaringen hebben wat betreft de samenwerking met ambulant hulpverleners. Zij benoemen dat er een goede afstemming moet zijn tussen hen en de ambulant hulpverleners, bijvoorbeeld wie welke tips en adviezen geeft aan ouders. Toch staan alle pedagogisch medewerkers positief tegenover de integratie. Zij zien het als een uitdaging in hun werk. Wij zijn van mening dat de integratie de kwaliteit van de hulpverlening ten goede komt.
In ons onderzoek hebben wij de eventuele visie- en methodiekverandering meegenomen als de taken van pedagogisch medewerker en ambulant hulpverlener geïntegreerd worden. Zowel de personen die werkzaam en betrokken zijn bij Arcade als bij Valkenheide LSG noemen dat er aan de visie en methodiek weinig tot niet zal veranderen. De werkwijze echter zal een grote omschakeling maken en er zal tevens meer aan de methodieken gewerkt worden. De pedagogisch medewerkers hebben aangegeven dat zij na de integratie meer in het gezin en in het systeem van het kind zullen werken en hierdoor dus systeemgerichter zullen gaan werken. De medewerkers van de dagbehandeling van Valkenheide LSG ervaren dat het gezinsafhankelijk is hoe en hoeveel er aan de methodieken gewerkt wordt.
In het kader van ons onderzoek hebben wij een literatuurstudie gedaan waarin wij gezocht hebben naar wat de literatuur vermeldt over de functies van pedagogisch medewerker en ambulant
hulpverlener. Tevens hebben wij gezocht naar literatuur over de integratie van beide functies. Over de integratie konden wij vrijwel niets vinden. In hoofdstuk 8 hebben wij diverse citaten aangehaald over hetgeen de literatuur over pedagogisch medewerkers (mentor) en ambulant hulpverlener meldt. Deze citaten bevestigden in sommige gevallen hetgeen in de interviews genoemd werd. Daarnaast heeft de literatuur ons geholpen bij het schrijven van diverse hoofdstukken, met name de competenties waarover een pedagogisch medewerker moet beschikken als hij taken van ambulant hulpverlener erbij krijgt.
De pedagogisch medewerker die bij de integratie de taken van ambulant hulpverlener erbij krijgt, moet beschikken over diverse competenties. De geïntegreerde persoon moet over HBO-niveau beschikken, gezien het feit dat een ambulant hulpverlener op dit niveau werkzaam is. Hetgeen hiernaast van essentieel belang is, is dat de geïntegreerde persoon met een dubbelrol moet kunnen omgaan. Hij moet uit de ene rol kunnen stappen om de andere te kunnen vervullen. Tevens moet de geïntegreerde persoon naast de ouders kunnen staat en moet hij er zorg voor dragen dat de belangen van ouders en kinderen niet verstrengeld worden.
Uit dit rapport, kunnen wij opmaken dat de meerderheid van de respondenten voor de integratie is. Zij zien meer voor- als nadelen voor de integratie. Uit ons onderzoek zijn een aantal meerwaarden van de integratie voor de ouders, de kinderen en de pedagogisch medewerkers naar voren gekomen, welke we in de conclusie hebben uitgeschreven, namelijk:
• Eén persoon
• Intensiever contact
• Eén verhaal
• Vertrouwensrelatie en/of hulpverleningsrelatie
• Duidelijkheid, continuïteit en structuur
De genoemde nadelen die wij in de conclusie hebben beschreven zijn:
• Samenwerking tussen ouders en de geïntegreerde persoon
• Kinderen willen thuis en Arcade gescheiden houden
• Eén persoon
• Dubbelrol
Na alle tegen afgewogen te hebben, concludeerden wij dat het efficiënter is voor de organisatie om de taken van pedagogisch medewerker en ambulant hulpverlener door één persoon te laten uitvoeren. Wij zijn van mening de integratie de kwaliteit van de hulpverlening ten goede zal komen.
In het hoofdstuk van de aanbevelingen hebben wij in chronologische volgorde onze aanbevelingen uitgeschreven welke volgens ons onderzoek nodig zijn bij de integratie van de functies van pedagogisch medewerker en ambulant hulpverlener. Onze aanbevelingen zijn:
• Proces van de integratie geleidelijk invoeren
• Toewijzing van geïntegreerd persoon aan gezinnen
• Bijscholing pedagogisch medewerker
• Urenindeling aanpassen
• Supervisietraject
• Intervisie

Toon meer
OrganisatieHogeschool Windesheim
AfdelingSocial Work
PartnersBredevoort LSG, De Glind
Jaar2008
TypeBachelor
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk