De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Dysfagiescreening in het verpleeghuis, een zoektocht naar uniformiteit

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Dysfagiescreening in het verpleeghuis, een zoektocht naar uniformiteit

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

Deze bachelorthesis beschrijft een inventarisatieonderzoek naar dysfagiescreeningen gebruikt in Nederlandse verpleeghuizen. Gedurende dit onderzoek is er vooral gekeken naar de toepassing en attitude ten aanzien van dysfagiescreeningen bij logopedisten en verpleegkundigen.
Vraagstelling:
Gedurende het schrijven van de bachelorthesis werd antwoord gegeven op de volgende hoofdvragen:
1. Welke screeningsmethoden worden er gebruikt om dysfagie bij patiënten in verpleeghuizen te detecteren?
2. Wat is de mate van tevredenheid bij logopedisten en verpleegkundigen over de uitvoerbaarheid van de door hen gebruikte screeningsmethode?
3. Wat is de mate van evidence van de gebruikte screeningsmethoden bij dysfagie in Nederlandse verpleeghuizen?
Methode:
De subvragen die zijn gebruikt om de hoofdvragen de beantwoorden worden hierna opgesomd:
1a. In welke mate is er diversiteit tussen de gebruikte screeningsmethoden?
2a Op welke wijze hebben de logopedisten en verpleegkundigen kennis en vaardigheden over het gebruik van de screeningsmethode opgedaan?
3a. Wat zijn de verschillen/overeenkomsten in de evidence die beschikbaar is over de gebruikte screeningsmethoden in Nederlandse verpleeghuizen?
Er hebben twee deelonderzoeken plaatsgevonden. Het eerste deelonderzoek bestond uit een online vragenlijst die is ingevuld door 69 respondenten (52 logopedisten en 17 verpleegkundigen) die allen werkzaam zijn in een Nederlands verpleeghuis. Het tweede deelonderzoek omvatte 13 persoonlijke interviews bij willekeurig gekozen logopedisten en het opvragen van tien instellingsprotocollen en zelfgemaakte screeningen.
7
Resultaten:
91,3% (waarvan 68,1% logopedisten en 23,2% verpleegkundigen) van de respondenten gaf aan te screenen als er een vermoeden op dysfagie bestond. Er was een grote verscheidenheid aan gebruikte screeningsinstrumenten in omloop. Meer dan de helft van de respondenten screende volgens de richtlijnen van het CBO (Kwaliteitsinstituut voor de Gezondheidszorg) (2009) of de Hartstichting (2001) en handelde daardoor Evidence Based Practice (EBP).
Slechts 26% van de logopedisten en 18% van de verpleegkundigen zei volledig op de hoogte te zijn van de evidence omtrent de door hen gebruikte dysfagiescreening. 61,5% van de logopedisten had behoefte aan een update van bestaande richtlijnen om nieuwe evidence onder de aandacht te brengen. Wanneer er een richtlijn specifiek gericht op het verpleeghuis ontwikkeld zou worden, zou 76,9% van de logopedisten deze richtlijn inzien en de dysfagiescreening uitproberen.
Conclusie en aanbeveling:
Er werd in de meeste verpleeghuizen wel gescreend, maar er was een grote variëteit in gebruikte screeningsmethoden. Hierdoor is het vaak niet duidelijk wat de kwaliteit van zorg is, terwijl dysfagie in het verpleeghuis een frequent voorkomend probleem is. De disciplines die screenen variëren: 84,1% logopedist, 42% verpleegkundige, 27,5% andere disciplines. Er bleek behoefte te zijn aan een domeinspecifieke screening, maar onderzoek heeft op dit moment nog niet uitgewezen of dit mogelijk is.
De belangrijkste aanbeveling die naar aanleiding van dit onderzoek gedaan kan worden is het ontwikkelen van een multidisciplinaire richtlijn omtrent dysfagie voor de verpleeghuissetting waarin de onderstaande punten worden omschreven:
- Welk dysfagiescreeningsinstrument moet worden gebruikt.
- Wie de screening moet (kunnen) afnemen (bijvoorbeeld logopedist, arts en een op het gebied van dysfagie bijgeschoolde verpleegkundige).
- Dient er domein- of ziektespecifiek gescreend te worden.
- Wanneer wordt de logopedist geconsulteerd.
Deze richtlijn moet opgesteld zijn op basis van de meest recente en op evidence gebaseerde resultaten. Hierbij is het van belang verder onderzoek te doen naar validatie van de CBO screening uit de richtlijn Beroerte binnen het verpleeghuis en deze op te nemen in de richtlijn
8
specifiek gericht op het verpleeghuis. Voor gebruik in de praktijk verdient het de aanbeveling gebruik te maken van de dysfagiescreening uit de richtlijn CBO (2009). Dit is op dit moment de enige screening met een hoog level van evidence voor dysfagiepatiënten (Carnabym 2012; Steerneman & Simons, 2012; CBO, 2009; Bours, 2008) en is reeds gevalideerd voor gebruik in de acute fase.

Toon meer
OrganisatieZuyd Hogeschool
OpleidingLogopedie
InstituutFaculteit Gezondheidszorg
Lectoraat
Gepubliceerd in
Datum2014-11-07
TypeBachelorscriptie
TaalOnbekend

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 25 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk