De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Shockwavetherapie en Botulinetoxine injecties bij kinderen met spasticiteit

Een vergelijking tussen de behandeling Extracorporale Shockwavetherapie en Botulinetoxine type A injecties bij kinderen met spasticiteit

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Shockwavetherapie en Botulinetoxine injecties bij kinderen met spasticiteit

Een vergelijking tussen de behandeling Extracorporale Shockwavetherapie en Botulinetoxine type A injecties bij kinderen met spasticiteit

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

Inleiding: Spasticiteit heeft grote gevolgen op het leven van een kind, het veroorzaakt vaak pijn, contracturen, vergroeiingen, spierzwakte en spierstijfheid. Een behandeling voor spasticiteit is het toedienen van Botulinetoxine type A (BoNT-A) injecties in een spastische spier met daarnaast fysiotherapie, deze behandeling heeft echter veel nadelen. Extracorporale shockwavetherapie (ESWT) bij spasticiteit is in opkomst. Uit recente literatuur blijkt dat shockwavetherapie goede resultaten laat zien bij de vermindering van spasticiteit. Het doel van deze literatuurstudie is onderzoeken of shockwavetherapie een alternatief kan zijn voor de BoNT-A injecties. De onderzoeksvraag luidt: ‘Wat is het effect van Extracorporale shockwavetherapie in vergelijking met Botulinetoxine type A injecties bij kinderen met spasticiteit?’
Methode: Bij dit systematische literatuuronderzoek zijn de volgende databanken gebruikt: PEDro, PubMed, Cochrane en MEDline. Relevante randomized controlled trials (RCT’s) van de afgelopen tien jaren zijn geïncludeerd. De interventies bestonden uit shockwavetherapie of BoNT-A injecties in combinatie met fysiotherapie. De primaire uitkomstmaat was de Modified Ashworth Scale (MAS) of de Tardieu schaal. De evidentie van de studies werd beoordeeld met behulp van de PEDro-schaal en de Best Evidence Synthese (BES), daarnaast werd de effectgrootte berekend.
Resultaten: Er zijn achttien RCT’s geïncludeerd, zeven studies onderzoeken het effect van BoNT-A injecties en elf studies onderzoeken het effect van shockwavetherapie. Er zijn geen RCT’s gevonden die de twee interventies met elkaar vergelijken in één studie. Voor de behandeling met BoNT-A injecties en voor shockwavetherapie is beide sterke evidentie gevonden. Bij de studies over BoNT-A injecties zijn zes RCT’s met hoge kwaliteit gevonden die een statistisch significant verschil tonen (p<0.05) in de afname van mate van spasticiteit. Voor de shockwavetherapie zijn 10 RCT’s van hoge kwaliteit gevonden die een significant verschil laten zien (p<0.05).
Conclusie: Uit deze literatuurstudie blijkt dat de behandeling met BoNT-A injecties en shockwavetherapie beide goede effecten op de vermindering van spasticiteit laten zien. Er kan geen conclusie getrokken worden welke therapie effectiever is. De BoNT-A injecties hebben echter meer bijwerkingen en nadelen dan shockwavetherapie. Verder onderzoek naar de effecten van shockwavetherapie op de lange termijn en meer onderzoek naar shockwavetherapie bij kinderen is aan te bevelen. Tot slot zijn RCT’s waarin beide therapieën met elkaar vergeleken worden aan te bevelen.
Samenvatting ook in het Engels.

Toon meer
OrganisatieHanzehogeschool Groningen
OpleidingFysiotherapie
AfdelingAcademie voor Gezondheidsstudies
Jaar2019
TypeBachelor
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk