De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Autonomie van de leerling.

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Autonomie van de leerling.

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

De leerlingen van C.B.S. de Akker laten een lage motivatie zien voor het leren. De school wil de motivatie van de leerlingen graag verbeteren. Dit is dan ook de aanleiding van dit onderzoek. In dit onderzoek wordt gezocht naar de relatie tussen motivatie en de mate van autonomie van de leerlingen op ‘de Akker’. De centrale vraagstelling luidt:
‘Op welke manier kunnen de leerkrachten van C.B.S. de Akker de autonomie van de leerlingen vergroten?’
Autonomie is één van drie psychologische basisbehoeften: competentie, relatie en autonomie. Wanneer de school tegemoet komt aan deze basisbehoeften, raken leerlingen gemotiveerd. Dit onderzoek heeft als doel om leerlingen te motiveren.
In dit onderzoek wordt informatie verkregen van verschillende participanten (directie, intern begeleider, leerkrachten en leerlingen van groep 5 t/m 8). Opvattingen over de huidige en de gewenste situatie worden in kaart gebracht. De onderzoeksinstrumenten zijn begeleid door een zelfontwikkeld hulpmiddel: de vier-puntschaal voor autonomie. De vier-puntschaal geeft vier concrete praktijksituaties aan waarin onvoldoende, matige, voldoende en ruimvoldoende autonomie waarneembaar zijn. In de vier-puntschaal worden elf punten uit de literatuur verwerkt tot concrete praktijksituaties. De elf punten zijn: zelfstandig werken, keuzevrijheid, verantwoordelijkheid, het werken aan eigen leervragen en leerdoelen, belevingswereld, zelfregulatie, differentiatie, opstellen van regels en routines, zone van de naaste ontwikkeling en gerichte feedback. De literatuur geeft aan dat deze punten bijdragen aan de autonomie van leerlingen.
Uit de resultaten blijkt dat de werkwijzen in de huidige situatie nog niet overeenkomen met de gewenste situatie. Alle onderzoeksgroepen geven aan dat meer autonomie van leerlingen gewenst is. Op alle elf punten die bijdragen aan autonomie zijn verbeteringen mogelijk. Hierbij dienen de instructie en het overzicht van de leerkracht over het leerproces van individuele leerlingen veilig gesteld te worden. Dit omdat de directie, intern begeleider en de leerkrachten deze aspecten aangaven als zeer belangrijk in hun schoolbeleid. De aanbevelingen die zijn opgesteld sluiten aan bij de visie van de school, de onderwijsbehoeften van de leerlingen en de randvoorwaarden van de leerkrachten.
De belangrijkste aanbevelingen om de autonomie van de leerlingen te vergroten zijn:
- Het implementeren van het bestaande protocol zelfstandig werken
- De leerkrachten dienen een methode te ontwikkelen om het overzicht te houden over de autonome leerling, door bijvoorbeeld POP gesprekken
- De leerkrachten passen, naast convergente differentiatie, ook divergente differentiatie toe.
- De leerkrachten ontwikkelen zich tot een coachende leerkracht.
Het onderzoek levert een bijdrage aan de kennis van het team over autonomie van leerlingen en hoe de autonomie van leerlingen kan bijdragen aan de motivatie voor het leren. Het onderwerp is door dit onderzoek weer actueel geworden voor het team van ‘de Akker’.

Toon meer
OrganisatieHogeschool Windesheim
InstituutEducation
PartnersCBS de Akker, Pesse
Datum2013-11-01
TypeMasterscriptie
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 27 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk